Plaats: Barendrecht
Kerk: Gereformeerde Gemeente
Voorganger: Ds. J. Mijnders
Tijd: 26 Juni 2016, 10.00u
Hooglied 8 vers 5 eerste gedeelte
5 Wie is zij, die daar opklimt uit de woestijn, en liefelijk leunt op haar Liefste?
Wie is zij,
Dit zijn de woorden van den Bruidegom, zich verwonderende over den opgang van een nieuwe gemeente, in ene plaats waar tevoren gene verzameling der gelovigen geweest was. Of, indien dit zijn de woorden van de oude kerk der gelovigen, gelijk sommigen menen, zo is het ene verwondering van de dochters van Jeruzalem over den aanwas, het sterk onwankelbaar geloof en geduld dezer gemeente, zich leunende, steunende, alleenlijk verlatende op de genadige bescherming van haren Bruidegom. Vergelijk Hoogl. 3:6.
de woestijn,
Men kan hier door de woestijn verstaan de volken dezer wereld, uit welke het volk Gods is verkoren en geroepen; Joh. 15:19.
Thema: Christus en Zijn bruidskerk
1 Plaats vanwaar zij komt
Woestijn. Het aardse bestaan, een woeste wildernis.
2 Gestalte waarin zij verkeert
Zij leunt.
3 De Persoon waarop zij leunt
Op haar Liefste.
1e gedachte:
Het aardse bestaan is moeilijk uit te drukken. De moeiten en zorgen over het wereldrond van de aarde zijn moeilijk met het menselijke verstand te bevatten.
Een woestijn is dor en droog. Het volk van Israel is daardoor gegaan. Zie het Oude Testament.
Genesis 1: Adam en Eva zijn uitgedreven uit het paradijs.
2e gedachte:
"Onderzoekt u zelf nauw ja zeer nauw." Zefanja 2 vers 1.
1)u zelf nauw,
De zin is: Ga in uzelven, en onderzoek al uw doen, opdat gij verstaat hoe zwaarlijk gij God den Heere vertoornd hebt met uw grote en menigvuldige zonden. Hebr. verzamel u. Het wordt eigenlijk gebruikt voor het verzamelen der stoppelen of houten, gelijk Exod. 5:7,12, en 1 Kon. 17:10; hetwelk dewijl het niet geschieden kan dan met naarstig zoeken, zo wordt het ook voor zoeken gebruikt.
2)doorzoek nauw, Benaarstig u ten hoogste, te weten om u met God te verzoenen.
Hosea 2 vers 13
Daarom, ziet, Ik zal haar lokken en zal haar voeren in de woestijn; en Ik zal naar haar hart spreken.
Leunen op de staf. Op welke staf leunen wij?
Leunen op de staf:
- op God
- op Zijn Woord (de bijbel)
- en Zijn werk
Machteloosheid
Voor ware gelovigen wordt het leunen steeds meer nodig.
"Hij moet wassen, maar ik minder worden." (4,1)
Johannes 3, 30
Mefiboseth als voorbeeld.
2 Samuël 9:13
Alzo woonde Mefiboseth te Jeruzalem, omdat hij geduriglijk at aan des konings tafel; en hij was kreupel aan beide zijn voeten.
Psalm 23 : 4
4 Al ging ik ook in een dal der schaduw des doods, ik zou geen kwaad vrezen, want Gij zijt met mij; Uw stok en Uw staf, die vertroosten mij.
Psalm 89 vers 8
Gij toch, Gij zijt hun roem, de kracht van hunne kracht;
Leunen doe je niet op iemand die je niet kent
Leunen doe je op iemand die heel dichtbij is
Spreuken 3 vers 6
Ken Hem in al uw wegen, en Hij zal uw paden recht maken.
Hebreen 12 vers 1
"...laat ons met lijdzaamheid lopen de loopbaan, die ons voorgesteld is;"
Hebreen 12 vers 2
"Ziende op den oversten Leidsman en Voleinder des geloofs, Jezus,...."
3e gedachte.
Deze week is bekend geworden dat Engeland uit de Europesche Unie gaat. 'Brexit'
Maar ondanks alles wat er op de wereld gebeurt:
Psalm 87 vers 3
De Filistijn, de Tyriër, de Moren,
Zijn binnen u, o Godsstad, voortgebracht;
Van Sion zal het blijde nageslacht
Haast zeggen: "Deez' en die is daar geboren".
Hoe zullen we die Liefste beschrijven? Dat heeft dominee Mijnders in 48 jaar nog nooit goed kunnen doen. En het wordt na al die jaren nog steeds moeilijker om Hem te beschrijven.
Lukas 11 vers 31
"....en ziet, meer dan Salomo is hier."
Hooglied 5 vers 10:
10 Mijn Liefste46 is blank en rood,47 Hij draagt48 de banier boven tien duizend.49
47) blank en rood,
Deze twee kleuren in enen mens tegelijk zijnde, versieren hem zeer. De witte kleur beduidt zuiverheid en triomferende heerlijkheid. Daarom staat er dat de engelen verschenen zijn in witte klederen, Matth. 28:3; Hand. 1:10. Ja ook Christus zelf, Matth. 17: Zie ook Openb. 6:2, en Openb. 19:14. Bij de rode kleur wordt verstaan het priesterambt van Christus, overmits Hij ons gewassen heeft in zijn bloed, Openb. 1:5. Zie ook Openb. 19:13, enz., en Jes. 63:1,2,3, enz.
Die Liefste was blank en rood voor bijvoorbeeld:
Manasse. Die zijn kinderen aan de Moloch ga.
Voor Rachab de hoer.
Waarschuwend bedoeld:
Niet leunen op uw avondmaalsgang.
Niet leunen op uw voorgeslacht, mensen die God mochten kennen.
Ps 17 vers 15
Maar ik zal Uw aangezicht in gerechtigheid aanschouwen, ik zal verzadigd worden met Uw beeld, als ik zal opwaken.
De voorspraak van de Vader.
Johannes 17 vers 24
24 Vader, Ik wil, dat waar Ik ben, ook die bij Mij zijn, die Gij Mij gegeven hebt; opdat zij Mijn heerlijkheid mogen aanschouwen, die Gij Mij gegeven hebt;
1 Johannes 2 vers 1
"... En indien iemand gezondigd heeft, wij hebben een
Voorspraak bij den Vader, Jezus Christus, den Rechtvaardige;"
Zijn Koninklijk ambt.
Zijn Priesterlijk ambt.
Psalm 27
Vers 2 berijmd:
Hoe lieflijk straalt zijn schoonheid van omhoog.
Hier weidt mijn ziel met een verwonderd oog,
aanschouwende hoe schoon en zuiver is
zijn licht, verlichtende de duisternis.
Gezongen:
Psalm 63
Vers 2
Eens zag ik in uw tempelhof
U in uw glorie hoogverheven,
wiens gunst mij meer is dan het leven,
mijn lippen stamelden uw lof.
Mijn leven lang wil ik U prijzen,
uw naam aanbidden, want Gij voedt
mij met uw kracht, Gij schenkt mij moed.
O Heer, ik wil U dank bewijzen.
Psalm 119
Vers 52
Heer, uw bestel staat als een vast gebouw
waarin Gij woont, rechtvaardig en waarachtig.
Gij maakt in uw onwankelbare trouw
uw volk steeds uw getuigenis deelachtig.
Mijn drift verteert mij, als ik hen aanschouw
die traag van hart zijn en U niet indachtig.
Psalm 66
Vers 8
Komt, luistert toe, gij Godgezinden,
Gij, die den HEER van harte vreest,
Hoort, wat mij God deed ondervinden,
Wat Hij gedaan heeft aan mijn geest.
'k Sloeg heilbegerig 't oog naar boven,
Ik riep den HEER ootmoedig aan;
Ik mocht met mond en hart Hem loven,
Hem, Die alleen mij bij kon staan.
Vers 9
Waar' ik door ongerechtigheden
En haar aanlokselen bekoord,
Dan had de HEER naar mijn gebeden
En jammerklachten niet gehoord.
Maar nu, nu heeft, met gunstig' oren,
Mijn God op mijnen wens gelet;
Hij, die het al kan zien en horen,
Merkt' op de stem van mijn gebed.
Psalm 73
Vers 13
Wien heb ik nevens U omhoog?
Wat zou mijn hart, wat zou mijn oog,
Op aarde nevens U toch lusten?
Niets is er, waar ik in kan rusten.
Bezwijkt dan ooit, in bitt're smart
Of bangen nood, mijn vlees en hart,
Zo zult Gij zijn voor mijn gemoed
Mijn rots, mijn deel, mijn eeuwig goed.
Psalm 119
Vers 86
Dan vloeit mijn mond steeds over van Uw eer,
Gelijk een bron zich uitstort op de velden;
Wanneer ik door Uw Geest Uw wetten leer,
Dan zal mijn tong Uw redenen vermelden;
Want Uw geboôn zijn waarlijk recht, o HEER;
Gij zult de vlijt van die U zoekt, vergelden.