zaterdag 31 december 2016

Plaats: Groningen
Kerk: Gereformeerde Gemeente
Voorganger: Ds. J.B. Zippro
Tijd: 31 dec. 2016 20.00u

1 De nodiging in deze boodschap
2 De ernst van deze boodschap
3 De zaligspreking in deze boodschap

Psalm 2
12 Kust den27 Zoon, opdat Hij niet toorne, en gij op den weg vergaat28, wanneer Zijn toorn maar een weinig29 zou ontbranden. Welgelukzalig zijn allen, die op Hem betrouwen.


In Psalm 2 gaat het over de ondergaande vergankelijke wereld die zich tegen God stelt. De voortdurende dreiging van oorlog.

Psalm 2 is een messiaanse psalm.

Kust de Zoon. Een vriendelijke nodiging. Groet elkander met een heilige kus zegt Paulus. Maar natuurlijk ook een teken van liefde.
Nu gaat het over de Zoon van God. Wanneer gaan we deze Zoon kussen? Wanneer we Hem liefkrijgen. Kussen is ook onderwerpen.
De hand kussen, of de voeten kussen was bij de farao een teken van onderwerping. Een teken van overgave.
Nu toegepast op de Koning der koningen.

12 Kust den27 Zoon, opdat Hij niet toorne, en gij op den weg vergaat28, wanneer Zijn toorn maar een weinig29 zou ontbranden. Welgelukzalig zijn allen, die op Hem betrouwen.
27)Kust den Dat is, eert Hem als mijn eeuwigen Zoon, en neemt Hem voor uwen Koning aan, gelooft in Hem, weest Hem onderdanig. Verg. Gen. 41:40. 1 Sam. 10:1

Wanneer kun je nu iemands voeten kussen? Dan moet je buigen. Dan moeten we leren buigen voor die Koning. Buig uw knieen dan. Buig vanavond nog uw knieen.
In Lukas 7 komt er een vrouw die buigt aan de voeten van deze Koning. Dan maakt ze de voeten nat van tranen en berouw.
Die vrouw kon niet meer zonder de Koning leven.
Hoeveel zonden hebben we niet bedreven in 2016? Leven we daar zomaar overheen?

Punt 2, de ernst van de boodschap.
Opdat Hij niet toorne, en gij op de weg vergaat.
Als we ons niet onderwerpen dan zal het niet meevallen. Er zijn maar 2 dingen mogelijk: het is of kus de Zoon, of de andere kant: we zullen vergaan.

Als we ons onderwerpen zou het dan niet meevallen?
O, deze Koning is een goedertieren Koning.
Als zondaren met het koord van de veroordeling om hun hals tot Hem komen, o dan zal het zo meevallen.

Psalm 72
12 Want hij zal den nooddruftige redden, die daar roept,26 mitsgaders den ellendige, en die geen helper heeft.

Maar als de toorn maar een weinig zal ontbranden dan zal het niet meevallen.
Korach, Dathan en Abiram zijn levend ter helle gevaren.
Openbaringen 6.
16 En zeiden tot de bergen en tot de steenrotsen: Valt op ons, en verbergt ons van het aangezicht Desgenen, Die op den troon zit, en van den toorn des Lams.
17 Want de grote dag Zijns toorns is gekomen, en wie kan bestaan?

Gezongen:
Vers 1
O HEER', Gij zijt welda - - dig;
Straf mij niet ongenadig
In Uwen toornegloed,
Ai, matig Uw kastijden;
Sla mij met medelijden,
Gelijk een vader doet.

"Welgelukzalig zijn allen, die op Hem betrouwen."
Door geloof vertrouwen op de Heere. Hem kennen als Profeet, Priester en Koning. Sions gezalfde Koning zal blijven tot in eeuwigheid.

Gezongen:
Psalm 132
Vers 12
"Wat vijand tegen hem zich kant',
Mijn hand, Mijn onweerstaanb're hand,
Zal hem bekleên met schaamt' en schand';
Maar eeuwig bloeit de gloriekroon
Op 't hoofd van Davids groten Zoon."

Plaats: Geldermalsen
Kerk: Gereformeerde Gemeente
Voorganger: Stud. J. de Kok
Tijd: 26 dec. 2016 10.00u

1 Timotheus 1
15 Dit is een getrouw woord,37 en alle aanneming waardig, dat Christus Jezus in de wereld gekomen is, om de zondaren zalig te maken, van welke ik de voornaamste ben.38


1 De getrouwheid van dat woord
2 De inhoud van dat woord
3 De brenger van dat woord
    Toepassen op je eigen hart

Gezongen:
Psalm 19 vs 7
Psalm 2 vs 7
Psalm 118 vs 12, 13
Lofzang van Maria vs 6
Psalm 73 vs 14

Grote zaken die wij niet begrijpen.
De Zoon gaf zich van eeuwigheid.

Verbindenis met de Zoon en de Vader bij de opgestane Levensvorst:
- De Zoon stond op
- De Vader wekte hem op

Christus:
  Gezalfde
  Profeet
  Priester
  Koning
  Hoogste profeet

Het Oude Testament hunkerde naar de komst van de messias:
Dit begon al bij Eva.
Genesis 4 vers 1.
1 En Adam bekende1 Heva, zijn huisvrouw, en zij werd zwanger, en baarde Kain,2 en zeide: Ik heb een man3 van de HEERE4 verkregen!

Abraham

1 Timotheus 3
16 En buiten allen twijfel, de verborgenheid der godzaligheid is groot; God is geopenbaard in het vlees, is gerechtvaardigd in den Geest, is gezien van de engelen, is gepredikt onder de heidenen, is geloofd in de wereld, is opgenomen in heerlijkheid.

Even veel andere voorbeelden.

Betekenis van 'zondaar' is: doelmisser
Namelijk: niet tot eer van God leven


De Heilige Geest

Genesis 1
1 In den beginne1 schiep2 God den hemel3 en de aarde.
2 De aarde4 nu was woest5 en ledig, en duisternis was op den afgrond;6 en de Geest Gods7 zweefde8 op de wateren.9
3 En God zeide:10 Daar zij licht!11 en daar werd licht.
7) Geest Gods Versta hier door het woord Geest den Heiligen Geest


Psalm 33
6 Door het Woord9 des HEEREN zijn de hemelen gemaakt, en door den Geest10 Zijns monds al hun heir.11
10) Geest Versta dit van den Heiligen Geest, die van den Vader en den Zoon uitgaat en gezonden wordt, zijnde mede een oorsprong van de schepping, aller dingen. Verg. Gen. 1:2; Job 26:13; Job 33:4.

Johannes 6
Gesproken door Jezus:
63 De Geest is het,80 Die levend maakt; het vlees is niet81 nut. De woorden, die Ik tot u spreek, zijn geest en zijn82 leven.

80) De Geest is het, Dat is, hetgeen Ik met de voorgaande woorden wil te kennen geven, moet geestelijk verstaan worden, van een geestelijk weten, hetwelk door de kracht mijns Geestes teweeggebracht wordt, en dat brengt het leven voort.

82)zijn geest en zijn Dat is, moeten geestelijk verstaan worden, en zo zijn het woorden des levens.


zondag 25 december 2016

Plaats: Barendrecht
Kerk: Gereformeerde Gemeente
Voorganger: Ds. W.J. Karels
Tijd: 25 dec. 2016 15.00u

Gelezen: Lukas 2 vs 21-35

Tekst: Lukas 2
28 Zo nam hij Hetzelve in zijn armen, en loofde God.

Simeons kerstfeest

1 De persoon van Simeon
2 De Zaligmaker van Simeon
3 De God van Simeon

Gezongen:
Psalm 40 vs 1
Psalm 84 vs 1 4 6
Psalm 68 vs 2
Psalm 37 vs 19 20

De moeder was onrein omdat ze een onrein kind ter wereld had gebracht.
Maar, het geboren Kind, dat Simeon mocht zien was niet onrein, want was de Zoon van God.

De betekenis van de naam 'Simeon' is: de Heere hoort

vs 25.
"En ziet, er was een mens te Jeruzalem..."
In de Grieks, de taal waarin het Nieuwe Testament is geschreven staat er eigenlijk: "een Adamiet". Dat wil zeggen een afstammeling van Adam.
Vers 15
"...verwachtende de vertroosting Israels..."
Israel: dit is de nieuwe naam van Jacob.

"Israël" - in het Hebreeuws als Jisraël uitgesproken - was de tweede naam van Jakob. God gaf hem de naam nadat Jacob geworsteld had met de man Gods aan de rivier Jabbok Jacob noemde de plaats van de worsteling 'Pniël' = 'Aangezicht  van God'.

Lukas 2 vs 25
"..verwachtende de vertroosting Israels.." Wat verwachten wij? Verwachten we het van de dingen van deze wereld, of mogen we het door geloof ook de vertroosting Israels verwachten?

Lukas 2 vs 25
" ..en de Heilige Geest was op hem."

Simeon had veel gelezen of gehoord van wat beschreven was door de profeten. 400 jaar eerder dan Simeon leefde.

De Messias kwam om de Vader te verheerlijken.

Lukas 2
27
En hij kwam door den Geest in den tempel.

Simeon moest in de tempel zijn.

Het liefste werk van de Geest is om Christus te verheerlijken.
God zorgt voor Zijn eigen eer.

Christus heeft gezorgd voor het herstellen van Gods beeld in een mens. Zie:

1 Korinthe 15
49 En gelijkerwijs wij het beeld des aardsen147 gedragen hebben, alzo zullen148 wij ook het beeld des hemelsen dragen.

147)het beeld des aardsen Dat is, Adam hier gelijkvormig zijn in sterflijkheid en verderflijkheid; Gen. 5:3.  
148)
alzo zullen Dat is, zo zullen wij ook Christus gelijkvormig zijn in heerlijkheid en onsterflijkheid; Rom. 8:17,29; Filipp. 3:21; 1 Joh. 3:2.



Johannes 17

20 En Ik bid niet alleen voor dezen, maar ook voor degenen, die door hun woord in Mij geloven zullen.

21 Opdat zij allen een zijn, gelijkerwijs Gij, Vader, in Mij, en Ik in U, dat ook zij in Ons een zijn; opdat de wereld gelove, dat Gij Mij gezonden hebt.



Plaats: Barendrecht
Kerk: Gereformeerde Gemeente
Voorganger: Ds. J. Mijnders
Tijd: 25 dec. 2016 10.00u

Lukas 2 vers 6, 7
6 En het geschiedde, als zij daar waren, dat de dagen vervuld werden, dat zij baren zoude.
7 En zij baarde haar eerstgeboren Zoon,10 en wond Hem in doeken,11 en legde Hem neder in de kribbe, omdat voor henlieden geen plaats was in de herberg.
Het wonder van Bethlehems kribbe

1 Het bevel van de keizer
2 Geboorte van de Koning
3 Heil van Zijn onderdanen

Gezongen:
Psalm 90 vs 6
Psalm 119 vs 78
Lofzang van Zacharias vs 1, 2
Psalm 118 vs 13
Psalm 150 vs 1

Ds. Mijnders heeft al 48 jaar, dus 48 keer tijdens de kerstdagen over de geboorte van Christus mogen (s)preken. Toch blijft dit elke keer weer nieuw.

Lukas 2 vers 6 en 7 is een eenvoudige beschrijving van de geboorte van de Messias. Geen theologisch hoogdravende woorden.

In die tijd zag het volk uit naar een aards keizer. Het zag uit naar het behoud door een aardse keizer. Augustus werd genoemd "goddelijke Augustus". Het was iemand met aanzien.

Maar het is God die alle dingen bestuurt. Ook de volkstelling die plaatsvond.

Lukas 2
3 En zij gingen allen om beschreven te worden, een iegelijk naar zijn eigen stad.7
4 En Jozef ging ook op van Galilea, uit de stad Nazareth, naar Judea, tot de stad Davids, die Bethlehem genaamd wordt,8 (omdat hij uit het huis en geslacht van David was);
7)naar zijn eigen stad. Namelijk vanwaar hij afkomstig was en waar zijn geslacht woonde.  
8)Bethlehem genaamd wordt, Van deze stad zie Micha 5:1; Matth. 2:1, en wordt Davids stad genaamd, omdat David daar geboren en opgevoed was, 1 Sam. 17:12; Joh. 7:42.

Micha 5
1 En gij,1 Bethlehem Efratha!2 zijt gij klein3 om te wezen onder de duizenden van Juda?4 Uit u zal5 Mij voortkomen,6 Die een Heerser zal zijn in Israel,7 en Wiens uitgangen zijn8 van ouds, van de dagen der eeuwigheid.9



Psalm 40
8 Toen zeide ik: Zie, ik kom16; in de rol17 des boeks is van mij geschreven.
9 Ik heb lust, o mijn God! om Uw welbehagen18 te doen; en Uw wet is in het midden19 mijns ingewands.

De "rol des boeks" zijn de boeken van Mozes in de Heilige Schrift, de bijbel.

Lukas 2
7 En zij baarde haar eerstgeboren Zoon, en wond Hem in doeken, en leide Hem neder in de kribbe, omdat voor henlieden geen plaats was in de herberg.

"omdat voor henlieden geen plaats was in de herberg."

Ook in ons zondige hart is geen plaats voor Jezus.
Maar: er kan door de "IK ZAL ZIJN, Die IK ZIJN ZAL" plaats gemaakt worden. Geloven wij dat?

Door het geloof het eigendom zijn van "wiens naam is Jezus."

Genesis 3
15 En Ik zal vijandschap zetten tussen u en tussen deze vrouw, en tussen uw zaad en tussen haar zaad;

Lukas 2
7 En zij baarde haar eerstgeboren Zoon, en wond Hem in doeken, en leide Hem neder in de kribbe, omdat voor henlieden geen plaats was in de herberg.

"in de kribbe"  dat is een voederbak voor beesten.

Hij, de schepper van hemel en aarde kwam als mensenkind op de wereld in een beestenstal.

Psalm 73 vers 22
22 Toen was ik onvernuftig, en wist niets; ik was een groot beest bij U.

Psalm 95
Vers 3
Zijn' is de zee; z' is door Zijn kracht
Met al het droge voortgebracht;
't Moet alles naar Zijn wetten horen.
Komt, buigen w' ons dan biddend neer;
Komt, laat ons knielen voor den HEER,
Die ons gemaakt heeft en verkoren.

Hebreen 4
16 Laat ons dan met vrijmoedigheid toegaan tot den troon der genade,44 opdat wij barmhartigheid mogen verkrijgen, en genade vinden, om geholpen te worden45 ter bekwamer tijd.46
46)ter bekwamer tijd. Namelijk wanneer ons zulks tot onze zaligheid bevorderlijk of nodig is.

Lukas 2 vs 15
Laat ons dan heengaan naar Bethlehem, en laat ons zien het woord, dat er geschied is,24 hetwelk de Heere ons heeft verkondigd.
"laat ons zien"
De herders gingen op weg om het Kind te zien.

Openbaringen 2
17 Die oren heeft, die hore, wat de Geest tot de Gemeenten zegt. Die overwint, Ik zal hem geven te eten van het47 manna, dat verborgen is, en Ik zal hem geven een witten48 keursteen, en op den keursteen een nieuwen49 naam geschreven, welken50 niemand kent, dan die hem ontvangt.

48)een witten Deze is de Heilige Geest, die in ons geweten deze keurstem des Vaders overbrengt, en getuigt dat wij om Christus' wil door het geloof in Gods oordeel vrijgesproken zijn van alle zonden en straffen waarvan 2 Cor. 1:22; een gelijkenis, genomen van de stemmingen der Grieken en Romeinen in het veroordelen of vrijspreken der misdadigers. Het veroordelen geschiedde door een zwarten keursteen, het vrijspreken door een witten. Zie iets dergelijks Hand. 26:10.  
49)
een nieuwen Deze naam is, dat hij, die tevoren een kind des toorns en des verderfs was, nu tot een kind Gods en erfgenaam des eeuwigen levens gesteld wordt, gelijk Paulus spreekt Rom. 8:15.  
50)
welken Want de natuurlijke mens verstaat niet de dingen die des Geestes Gods zijn, maar wij hebben den Geest van Christus ontvangen, opdat wij zouden weten hetgeen ons van God geschonken is. Zie Joh. 14:17; 1 Cor. 2:9,10, enz.


zaterdag 24 december 2016



John 6 (KJV)
29 Jesus answered and said unto them, This is the work of God, that ye believe on him whom he hath sent.
30 They said therefore unto him, What sign shewest thou then, that we may see, and believe thee? what dost thou work?
31 Our fathers did eat manna in the desert; as it is written, He gave them bread from heaven to eat.
32 Then Jesus said unto them, Verily, verily, I say unto you, Moses gave you not that bread from heaven; but my Father giveth you the true bread from heaven.
33 For the bread of God is he which cometh down from heaven, and giveth life unto the world.
34 Then said they unto him, Lord, evermore give us this bread.
35 And Jesus said unto them, I am the bread of life: he that cometh to me shall never hunger; and he that believeth on me shall never thirst.
36 But I said unto you, That ye also have seen me, and believe not.
37 All that the Father giveth me shall come to me; and him that cometh to me I will in no wise cast out.



===

"4. Yet again, God is unchanging in his promises. Ah! we love to speak about the sweet promises of God; but if we could ever suppose that one of them could be changed, we would not talk anything more about them. If I thought that the notes of the bank of England could not be cashed next week, I should decline to take them; and if I thought that God's promises would never be fulfilled—if I thought that God would see it right to alter some word in his promises—farewell Scriptures! I want immutable things: and I find that I have immutable promises when I turn to the Bible: for, "by two immutable things in which it is impossible for God to lie," he hath signed, confirmed, and sealed every promise of his. The gospel is not "yea and nay," it is not promising today, and denying tomorrow; but the gospel is "yea, yea," to the glory of God.
Believer! there was a delightful promise which you had yesterday; and this morning when you turned to the Bible the promise was not sweet. Do you know why? Do you think the promise had changed? Ah, no! You changed; that is where the matter lies. You had been eating some of the grapes of Sodom, and your mouth was thereby put out of taste, and you could not detect the sweetness. But there was the same honey there, depend upon it, the same preciousness. "Oh!" says one child of God, "I had built my house firmly once upon some stable promises; there came a wind, and I said, O Lord, I am cast down and I shall be lost." Oh! the promises were not cast down; the foundations were not removed; it was your little "wood, hay, stubble" hut, that you had been building. It was that which fell down. You have been shaken on the rock, not the rock under you. But let me tell you what is the best way of living in the world.
I have heard that a gentleman said to a Negro, "I can't think how it is you are always so happy in the Lord and I am often downcast." "Why Massa," said he, "I throw myself flat down on the promise—there I lie; you stand on the promise—you have a little to do with it, and down you go when the wind comes, and then you cry, 'Oh! I am down;' whereas I go flat on the promise at once, and that is why I fear no fall."
Then let us always say, "Lord there is the promise; it is thy business to fulfill it." Down I go on the promise flat! no standing up for me. That is where you should go—prostrate on the promise; and remember, every promise is a rock, an unchanging thing. Therefore, at his feet cast yourself, and rest there forever."

Source: A Sermon (No. 1)
Delivered on Sabbath Morning, January 7th, 1855, by the REV. C. H. Spurgeon At New Park Street Chapel, Southwark.
"I am the Lord, I change not; therefore ye sons of Jacob are not consumed."—Malachi 3:6




maandag 19 december 2016

Micha 5 vs 1
1 En gij,1 Bethlehem Efratha!2 zijt gij klein3 om te wezen onder de duizenden van Juda?4 Uit u zal5 Mij voortkomen,6 Die een Heerser zal zijn in Israel,7 en Wiens uitgangen zijn8 van ouds, van de dagen der eeuwigheid.9

1)    gij,
    Dat is, u aangaande.
 
2)    Bethlehem Efratha!
    Zie Gen. 35:16,19; Richt. 12:8, met de aantekening. Hebr. Bethlechem; dat is, broodhuis; gelijk Efrath of Efratha [welke ook de naam was van Kalebs huisvrouw, 1 Kron. 2:19,24] komt van vruchtbaarheid.
 
3)    zijt gij klein
    Dat is, gij zijt geenszins klein, Matth. 2:6. Of [hoewel] gij klein zijt, enz. [nochtans] zal, enz. Anders aldus; Het [is wat] kleins, of gerings, een kleine zaak, dat gij zijt onder de duizenden, of voorgangers, vorsten, van Juda. [Verg. de aantekening van deze plaats, gedaan bij de overpriesters en schriftgeleerden voor de koning Herodes, Matth. 2:6]. De zin is: Gij zijt wel klein naar het uiterlijk aanzien, maar gij zult tot zeer grote waardigheid verheven worden door de geboorte van de Messias en Zaligmaker Jezus Christus.
 
4)    duizenden van Juda?
    Dit ziet op de afdeling van de stammen in hun duizenden, hebbende elke duizend zijn hoofd en overste, of leidsman en voorganger, zie Richt. 6:15; 1 Sam. 10:19, met de aantekening. Idem 1 Kron. 12:20. Daarom staat bij Matth. 2:6, onder de vorsten, of voorgangers, leidslieden, hertogen; zijnde daarenboven de twee Hebr. woorden, die duizend en een leidsman, of voorganger betekenen, elkander zeer na verwant en van één oorsprong.
 
5)    Uit u zal
    Naar zijn menselijke natuur en ten aanzien dat het eeuwig en zelfstandig Woord van de Vader vlees zal worden, zo zal hij in u, o Bethlehem, geboren worden, en alzo uit u voortkomen, of uitgaan.
 
6)    Mij voortkomen,
    Woorden van God de Vader.
 
7)    Die een Heerser zal zijn in Israël,
    Hebr. om een heerser te zijn.
 
8)    uitgangen zijn
    Of, hoewel zijn uitgangen, gelijk het woord uitgaan, of voortkomen, in het voorgaande gebruikt is van Christus voortkomst uit Bethlehem naar zijn mensheid, omdat Hij aldaar uit Maria zou geboren worden; alzo wordt hetzelfde Hebreeuwse woord hier nu gebruikt van zijn eeuwige voortkomst of uitgang van de vader, tot betekenis van zijn eeuwige godheid en Goddelijke geboorte van de Vader, en dat in het veelvoudige getal, uitgangen, hetwelk niet vreemd in de Hebreeuwse taal, inzonderheid tot betekenis van iets groots en iets bijzonders, [zie Obad. 1:21,enz.], als daar is de eeuwigheid van de Zoon met de Vader en zijn onbegrijpelijke geboorte van dezelve. Zie Hebr. 1:3.
 
9)    van ouds, van de dagen der eeuwigheid.
    Dat is, vóór het begin der schepping, ja van eeuwigheid, of eeuwige tijden af. Verg. Spreuk. 8:22,23,24,30,31; Joh. 1:1, en Joh. 17:5. Dat het Hebr. woord kredem, als het van God gebruikt wordt, somtijds eeuwigheid betekent, zie daarvan Deut. 33:27 met de aantekening.

zondag 18 december 2016


Plaats: Barendrecht
Kerk: Gereformeerde Gemeente
Voorganger: Ds. G.J. van Aalst
Tijd: 18 dec. 2016 16.30u

Dienst waarbij 3 kinderen zijn gedoopt met de Heilige Doop in de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest.

Lukas 1
37 Want geen ding zal bij God onmogelijk zijn.


Hoe is het mogelijk

1 Een Kind geboren
2 Een Zoon gegeven
3 De heerschappij is op Zijn schouders

Gezongen:
Lofzang van Maria 1
Lofzang van Maria 7
Psalm 105, 5
Psalm 132 8, 11, 12
Gebed des Heeren 3


"Want geen ding zal bij God onmogelijk zijn."

Lukas 1
35 En de engel, antwoordende, zeide tot haar: De Heilige Geest zal over u komen, en de kracht des Allerhoogsten zal u overschaduwen; daarom ook, dat Heilige, Dat uit u geboren zal worden, zal Gods Zoon genaamd worden.

King James Version:
35 And the angel answered and said unto her, The Holy Ghost shall come upon thee, and the power of the Highest shall overshadow thee: therefore also that holy thing which shall be born of thee shall be called the Son of God.

Onuitsprekelijk wonder.

Geloof is nodig:
"....En in één Heere Jezus Christus, den eniggeboren Zoon van God, geboren uit den Vader vóór alle eeuwen; God uit God, Licht uit Licht, waarachtig God uit waarachtig God; ..."

Jesaja 54
8 In een kleinen25 toorn heb Ik Mijn aangezicht26 van u een ogenblik27 verborgen; maar met eeuwige goedertierenheid zal Ik Mij uwer ontfermen, zegt de HEERE, uw Verlosser.
9 Want dat zal Mij zijn28 als de wateren van Noach, toen Ik zwoer,29 dat de wateren van Noach30 niet meer over de aarde zouden gaan; alzo heb Ik gezworen, dat Ik niet meer op u31 toornen,32 noch u schelden zal.33
10 Want bergen34 zullen wijken,35 en heuvelen wankelen; maar Mijn goedertierenheid zal van u niet wijken, en het verbond36 Mijns vredes zal niet wankelen, zegt de HEERE, uw Ontfermer.
35)zullen wijken, Of, mogen, of kunnen wijken. Anders: want al verzetten zich de bergen, enz. De zin is, mijne goedertierenheid over mijne kerk zal eeuwig duren en onveranderlijk blijven, al was het dat alles in de wereld het onderste boven ging.  
36)
het verbond Dat is, het verbond, waardoor Ik u vrede, dat is de eeuwige zaligheid, beloofd heb.


De gelovigen uit de heidenvolken mogen delen in de beloften die God deed aan Abraham en zijn nageslacht. (Hand.2:39, Ef.2:13, Ef.3:6)
Er mochten vanavond nog 3 kinderen gedoopt worden.


Belijdenis des geloofs
Opgesteld in de kerkvergadering van Nicéa, in het jaar 325 n.Chr.

Ik geloof in één God, den almachtigen Vader, Schepper des hemels en der aarde, aller zienlijke en onzienlijke dingen.

En in één Heere Jezus Christus, den eniggeboren Zoon van God, geboren uit den Vader vóór alle eeuwen; God uit God, Licht uit Licht, waarachtig God uit waarachtig God; geboren, niet gemaakt, van hetzelfde wezen met den Vader, door Wien alle dingen gemaakt zijn. Die om ons mensen en om onze zaligheid, is nedergekomen uit den hemel, en vlees is geworden van den Heiligen Geest uit de maagd Maria, en een mens geworden is; ook voor ons gekruisigd is onder Pontius Pilatus, geleden heeft, en begraven is; en ten derden dage opgestaan is naar de Schriften, en opgevaren is ten hemel; zit ter rechterhand des Vaders, en zal wederkomen met heerlijkheid, om te oordelen de levenden en de doden; wiens rijk geen einde zal hebben.

En in den Heiligen Geest, die Heere is en levend maakt, die van den Vader en den Zoon uitgaat, die te zamen met den Vader en den Zoon aangebeden en verheerlijkt wordt, die gesproken heeft door de Profeten.

En één, heilige, algemene en Apostolische Kerk.
Ik beleid één Doop tot vergeving der zonden, verwacht de opstanding der doden, en het leven der toekomende eeuw. Amen.

Woorden van de Heere Jezus zelf toen Hij in de wereld was:
Johannes 12
46 Ik ben een Licht, in de55 wereld gekomen, opdat een iegelijk, die in Mij gelooft, in de duisternis niet blijve.
47 En indien iemand Mijn woorden gehoord, en niet geloofd zal hebben, Ik oordeel hem niet;56 want Ik ben niet gekomen,57 opdat Ik de wereld oordele, maar58 opdat Ik de wereld zalig make.



Plaats: Barendrecht
Kerk: Gereformeerde Gemeente
Voorganger: Ds. G.J. van Aalst
Tijd: 18 dec. 2016 10.00u

Lukas 1 vers 15a
15 Want hij zal groot zijn voor den Heere;

Rechtvaardig voor God
1 Bedienen voor God
    8 En het geschiedde, dat, als hij het priesterambt bediende voor God, in de beurt zijner dagorde.
2 Groot voor God
    15 Want hij zal groot zijn voor den Heere;
3 Bereid voor God
    17 En hij zal voor Hem heengaan, in den geest en de kracht van Elias, om te bekeren de harten der vaderen tot de kinderen, en de ongehoorzamen         tot de voorzichtigheid der rechtvaardigen, om den Heere te bereiden een toegerust volk.
4 Gabriel voor God
5 Staan voor God
    19 En de engel antwoordde en zeide tot hem: Ik ben Gabriël, die voor God sta, en ben uitgezonden, om tot u te spreken, en u deze dingen te verkondigen.

Lukas 1 vs 13, de eerste woorden van de Engel: "Vrees niet, Zacharias!"
Zullen wij vrezen bij de wederkomst van Christus als er een menigte van engelen zal zijn?

Het allesverbrandende offer is nodig om te kunnen komen tot God.

Het allesverbrandende offer: Christus die aan het kruis is gestorven

Buiten dat allesverbrandende offer is God een verterend vuur en zullen mensen zeggen bij Christus wederkomst: Openbaringen 6
16:
En zeiden tot de bergen en tot de steenrotsen: Valt op ons, en verbergt ons van het aangezicht Desgenen, Die op den troon zit, en van den toorn des Lams.

Maar blijdschap en verheuging over Johannes de Doper, als wegbereider voor de komst van de Messias.
Marcus 1, 2b
"Zie, Ik zend mijn bode voor uw aangezicht uit, die uw weg bereiden zal"

Jesaja 40
3 Een stem12 des roependen13 in de woestijn: Bereidt den weg14 des HEEREN, maakt recht in de wildernis15 een baan16 voor onzen God!
12)    Een stem
    Te weten ten tijde der komst van Christus.
13)    des roependen
    Of, van den prediker; te weten van Johannes den Doper. Zie Mal. 3:1; Matth. 3:3; Mark. 1:3; Luk. 3:4; Joh. 1:23.
14)    Bereidt den weg
    Dat is, weert uit uwe harten alle boosheid en verdorvenheid, en zoekt bij Christus vergeving derzelve, opdat Hij tot u inkere en in uwe harten wone.
15)    in de wildernis
    Aldus noemt Hij de zondige wereld, of de boosheid der mensen in dezelve. Of, deze woorden kunnen zien op de plaats, waar Johannes de Doper gepredikt heeft.
16)    baan
    Of, gehoogden weg, straat.

Lukas
14 En u zal blijdschap en verheuging zijn, en velen zullen zich over zijn geboorte verblijden.
15 Want hij zal groot zijn voor den Heere; noch wijn, noch sterken drank zal hij drinken, en hij zal met den Heiligen Geest vervuld worden, ook van zijner moeders lijf aan.
17 En hij zal voor Hem heengaan, in den geest en de kracht van Elias, om te bekeren de harten der vaderen tot de kinderen, en de ongehoorzamen tot de voorzichtigheid der rechtvaardigen, om den Heere te bereiden een toegerust volk.


Gezongen:
Psalm 68 : 3
Psalm 119 : 77
Lofzang van Zacharias 1, 2
Psalm 130 : 3
Psalm 42 : 5

Vers 5
Maar de HEER zal uitkomst geven,
Hij, die 's daags Zijn gunst gebiedt;
'k Zal in dit vertrouwen leven,
En dat melden in mijn lied;
'k Zal Zijn lof zelfs in den nacht
Zingen, daar ik Hem verwacht;
En mijn hart, wat mij moog' treffen,
Tot den God mijns levens heffen.


zaterdag 17 december 2016




For unto us a Child is born
Unto us a Son is given
And the government
Shall be upon His shoulder
And his name shall be called
Wonderful
Counselor
The Mighty God
The Everlasting Father
The Prince of Peace.



Plaats: Barendrecht
Kerk: Gereformeerde Gemeente
Voorganger: Ds. C. Sonnevelt
Tijd: 15 dec. 2016 19.30u

gelezen jes 8 vs 11 t/m 9 vs6
Jesaja 9 : 5a
5 Want een Kind is ons geboren, een Zoon is ons gegeven, en de heerschappij is op Zijn schouder;

Thema: Geboorte van de Heere Christus
1 Geboren kind
2 Gegeven zoon
3 Groots koning

Gezongen:
Psalm 2 6 7
Psalm 51 3 4
Psalm 89 8
Psalm 132 12

Hebreen 1 vs 5
5 Want tot wien van de engelen heeft Hij ooit gezegd: Gij zijt Mijn Zoon,19 heden heb ik u20 gegenereerd?21 En wederom: Ik zal Hem tot een Vader zijn,22 en Hij zal Mij tot een Zoon zijn?

19)    Gij zijt Mijn Zoon,
    Namelijk eigen en natuurlijke Zoon; want anderszins zijn ook de engelen kinderen Gods, ten opzichte dat zij door God en naar Zijn evenbeeld zijn geschapen, en tot kinderen aangenomen. Zie Job 1:6; Ps. 89:7.

20)    heden heb ik u
    Dat is, van eeuwigheid, welke heden genoemd wordt, omdat in de eeuwigheid noch begin is noch einde, maar ene gedurigheid die altijd tegenwoordig is. Anderen verstaan het van den tijd waarin deze eeuwige geboorte in de wereld is geopenbaard.

21)    gegenereerd?
    Of geteeld, gewonnen, geboren; namelijk door een eeuwige, bovennatuurlijke en onbegrijpelijke generatie. Want Hij spreekt van zulk een geboorte, op welke wijze geen engelen noch mensen zijn geboren, maar alleen de Zoon. Waarom Hij ook de eniggeborene van den Vader genoemd wordt, Joh. 1:18; en de eigen Zoon Gods, Rom. 8:32. Deze plaats wordt ook Hand. 13:33, op Zijn opstanding uit de doden toegepast, omdat Hij toen krachtig is bewezen de Zoon Gods te zijn, gelijk Paulus spreekt Rom. 1:4.

22)    Ik zal Hem tot een Vader zijn,
    Deze woorden worden wel van Salomo als een voorbeeld van Christus, die den tempel te Jeruzalem zou bouwen, uitgesproken, maar van Christus Jezus, als de betekenende zaak, vooral verstaan, die den geestelijken tempel, dat is de gemeente Gods, alleen heeft gebouwd, en een Heere daarvan is, gelijk de apostel hierna, Hebr. 3,4,5,6, betuigt en die alleen een koninkrijk zonder einde heeft, gelijk de engel verklaart; Luk. 1:32,33.



Openbaringen 12 vers 5:
5 En zij baarde een mannelijken4 zoon, die al de heidenen zou5 hoeden met een6 ijzeren roede; en haar kind werd weggerukt tot God en Zijn troon.

4)    zij baarde een mannelijken
    Grieks zij baarde een zoon, een man, of manneken. Sommigen verstaan hierdoor, gelijk ook door den volgenden strijd van Michaël tegen den draak, Constantijn, den eersten christelijken keizer, die voor de christen-kerk, na drie honderd jaren vervolging, is te voorschijn gebracht, en na vele oorlogen en overwinningen over de dienaars der afgoden en van den draak, eindelijk het Romeinse rijk onder het gebied der christenen heeft gebracht, en de christen-kerk boven alle andere heeft verheerlijkt en tot aan den hemel verheven. Welke verklaring zeer oud is, daar Constantijn zelf dit gezicht daarom in zijn wapen heeft gevoerd, nadat hij Maximianu, Maxentius, Licinius en andere vijanden en vervolgers der christenen, met hunnen legers had overwonnen, en den afgodendienst uit het Romeinse rijk had geweerd. Doch daar hier van dit mannelijk kind, en hierna van dezen Michaël en draak vele dingen worden gezegd, die zeer bezwaarlijk alleen op Constantijn en de zijnen kunnen geduld worden, zo is het wel zo gevoegelijk dat dit ook van Christus zelf worde genomen, en van zijn geestelijke geboorte door de gehele wereld in het hart en in de belijdenis der gelovigen, door den dienst der Kerk, gelijk hiervoor op Openb. 12:2 is aangewezen; tegen welken Christus en zijn geestelijke geboorte de satan zich met alle geweld en list heeft gesteld, zo door de vervolgingen der Joden en heidenen, als door verscheidene godslasterlijke ketterijen, die hij den persoon en de voldoening van Christus onder de christenen heeft verwekt. Hoewel Christus, nu zittende ter rechterhand Gods, als het hoofd der uitverkorenen, altijd de overhand heeft behouden, en in Zijn troon altijd is gebleven.

5)    de heidenen zou
    Of volken.

6)    hoeden met een
    Grieks weiden.



Het zou rechtvaardig zijn als de Heere ons voorbij ging.
Maar: ik laat U niet gaan tenzij Gij mij zegent. Genesis 32 vs 26

De heerschappij is op zijn schouder. Zie ook de voorgaande verzen over Gideon in Jesaja 9.
Een land is goed met Deze Koning.

Psalm 2:12 (NBG'51)
Kust de zoon, opdat hij niet toorne
en gij onderweg niet te gronde gaat,
want zeer licht ontbrandt zijn toorn.
Welzalig allen die bij Hem schuilen!


Handelingen 8

35 En Filippus deed zijn mond35 open en beginnende van diezelfde Schrift, verkondigde hem Jezus.

36 En alzo zij over weg reisden, kwamen zij aan een zeker water; en de kamerling zeide: Ziedaar water; wat verhindert mij gedoopt te worden?

37 En Filippus zeide: Indien gij van ganser harte gelooft, zo is het geoorloofd. En hij, antwoordende, zeide: Ik geloof, dat Jezus Christus de Zoon van36 God is.

36)de Zoon van En derhalve de ware Zaligmaker, die ons door Zijn lijden en sterven van zonde en dood verlost heeft, volgens de vorige profetie. Zie dergelijke korte belijdenis Matth. 16:16.


maandag 12 december 2016

Jesaja 43

25 Ik, Ik ben het, Die uw overtredingen78 uitdelg, om Mijnentwil,79 en Ik gedenk uwer zonden niet.

79)    om Mijnentwil,
    Niet om uwer verdiensten wil, maar om mijner eer wil, opdat Ik worde bekend te zijn een barmhartig en getrouw God.

zondag 11 december 2016

Fwd:

Plaats: Barendrecht
Kerk: Gereformeerde Gemeente
Voorganger: ds. M.H. Schot
Tijd: 11 dec. 2016 10.00u



Maleachi 4
2 Ulieden daarentegen, die Mijn Naam vreest, zal de Zon der gerechtigheid opgaan,3 en er zal genezing zijn4 onder Zijn vleugelen;5 en gij zult uitgaan,6 en toenemen,7 als mestkalveren.

3) de Zon der gerechtigheid opgaan,
Alzo wordt Christus Jezus genoemd, omdat Hij de verstanden door zijn Woord en Geest verlicht, en de harten de gelovigen verkwikt door vergeving der zonden en toerekening der gerechtigheid. Verg. Jes. 60:1,19; Dan. 9:24, en Luk. 1:78,79.

6)uitgaan, Te weten, op een vette weide. Anderen verstaan dit van het uitgaan uit de gevangenis der zonden en van de dienstbaarheid des duivels, om God te dienen in heiligheid en gerechtigheid. Zie Joh. 8:36; 2 Cor. 3:17.

1 Het adres van deze belofte
2 De inhoud van deze belofte
3 De schenking van deze belofte
   of vervulling van deze belofte

Gelezen: Maleachi 3 vs 13 t/m Maleachi 4
Gezongen:
Psalm 97 : 7
Psalm 119 : 76
Psalm 31 : 15, 16, 17
Psalm 118 : 13
Lofzang van Zacharias vs 4

Dus wordt des HEEREN volk geleid,
Door 't licht, dat nu ontstoken is,
Tot kennis van de zaligheid,
In hunne schuldvergiffenis;
Die nooit in schoner glans verscheen,
Dan nu, door Gods barmhartigheên,
Die, met ons lot bewogen,
Om ons van zond' en ongeval t' ontslaan,
Een ster in Jakob op doet gaan,
De zon des heils doet aan de kimmen staan.



Ds. Schot sprak hierover:
Jesaja 60
1 Maak u op,1 word verlicht,2 want uw Licht komt,3 en de heerlijkheid4 des HEEREN gaat over u op.5

"word verlicht"
Te weten met volkomener kennis en wetenschap dan gij tot nog toe gehad hebt; gelijk de klaarheid van den dag verlicht of vermeerderd wordt als de zon opgaat.

"uw Licht komt"Te weten Christus Jezus, die het licht der wereld is, hetwelk de harten der uitverkorenen verlicht met ware kennis Gods. Zie Luk. 2:32; Joh. 1:9 en Joh. 8:12; en Ef. 5:14; of, de tijd uwer verlossing is gekomen.


Daniel 9
24 Zeventig69 weken70 zijn bestemd71 over uw volk,72 en over uw heilige stad, om de overtreding te sluiten,73 en om de zonden te verzegelen,74 en om de ongerechtigheid te verzoenen,75 en om een eeuwige gerechtigheid aan te brengen,76 en om het gezicht, en den profeet te verzegelen,77 en om de heiligheid der heiligheden78 te zalven.79

73) om de overtreding te sluiten,
Of, om op te sluiten, of om te bedwingen de overtreding. Anders: dat Hij, te weten Christus de overtreding besluit; dat is, dat hij voor de zonden des volks genoeg doe, opdat dezelve als in een kerker besloten worden, dat zij niet meer voor Gods aangezicht komen.

74) om de zonden te verzegelen,
Dat is, om te bedekken de zonden der uitverkorenen, dat zij voor het aangezicht van God niet komen. Dit heeft Christus door zijnen dood teweeg gebracht. Anders: om de zonden te verdelgen.

75) om de ongerechtigheid te verzoenen,
Te weten door de offerande van Christus aan het kruis.

76) om een eeuwige gerechtigheid aan te brengen,
Hebreeuws, ene gerechtigheid der eeuwigheden, door welke alleen zij, die ooit gerechtvaardigd zijn en rechtvaardig zullen worden, moeten gerechtvaardigd worden voor God, Hebr. 9:12. Deze gerechtigheid is gelegen in de vergeving der zonden en toerekening der gerechtigheid van Jezus Christus.

78) de heiligheid der heiligheden
Dat is, den Heere Christus, die daar is het waarachtige heilige der heiligen, omdat in Hem al de schatten van heiligheid, rechtvaardigheid, en ook van wijsheid en kennis van God verborgen zijn, ons ten goede; en dat Hij is de ware ark des verbonds, door welken God de woorden des levens tot de wereld spreekt; de rechte genadestoel, door welken wij de verzoening hebben, enz.

79) te zalven.
Te weten met den Heiligen Geest; dat is als in te wijden en te bereiden tot zijn zaligmakend ambt.


Lukas 1
78 Door de innerlijke bewegingen der barmhartigheid onzes Gods,21 met welke ons bezocht heeft de Opgang uit de hoogte;22
79 Om te verschijnen dengenen,23 die gezeten zijn in duisternis en schaduw des doods; om onze voeten te richten op den weg des vredes.
22) de Opgang uit de hoogte; Daarmede wordt de Messias betekend, omdat Hij genaamd wordt een ster uit Jakob opgaande, Num. 24:17, en de zon der gerechtigheid, Mal. 4:2. Anders betekent het Griekse woord ook een opgaanden scheut of spruit, gelijk de Messias alzo genaamd wordt, Jer. 23:5; Zach. 3:8, en Zach. 6:12, maar Luk. 1:79 betoont dat het hier in de eerste betekenis bekwamelijker genomen wordt.

23) verschijnen dengenen, Of, verlichten. 


Jeremia 23 vers 5
5 Ziet, de dagen komen, spreekt de HEERE, dat Ik aan David een rechtvaardige8 Spruit9 zal verwekken; Die zal Koning zijnde regeren,10 en voorspoedig zijn, en recht en gerechtigheid doen11 op de aarde.
6 In Zijn dagen12 zal Juda13 verlost worden, en Israel zeker wonen;14 en dit zal Zijn naam zijn, waarmede men Hem zal noemen:15 De HEERE: ONZE GERECHTIGHEID.16
16) De HEERE: ONZE GERECHTIGHEID. Vergelijk Deut. 6:25; Richt. 6:24, en wijders 1 Cor. 1:30; Dan. 9:24; idem onder Jer. 33:16. Hebreeuws, Jehova Tzidkenu; hetwelk van sommige overzetters als een eigen naam alzo in den tekst gesteld wordt.

Naar aanleiding van Maleachi 4 "uitgaan en toenemen als mestkalveren":
Woorden die de Heere Jezus zelf heeft gesproken tijdens zijn aanwezigheid op aarde:

Johannes 8
34 Jezus antwoordde hun: Voorwaar, voorwaar zeg Ik u: Een iegelijk, die de zonde doet, is een dienstknecht der zonde.
35 En de dienstknecht blijft niet eeuwiglijk in het huis, de zoon blijft er eeuwiglijk.
36 Indien dan de Zoon u zal vrijgemaakt hebben, zo zult gij waarlijk vrij zijn.

zaterdag 10 december 2016

Lord Have Mercy

At peace we come to pray and to seek the Lord today For salvation
from His hand, for the healing of our land. Let us pray. Let us pray.

Lord have mercy. Lord have mercy. For we have placed all our hopes in Thee.

For our sin we repent oh Lord. We believe Your holy words. Have mercy now we pray and take all our sins away. Kyrie. Christe.

And if you embark iniquity Lord who can stand, who can stand the mercy
like a fountain flows from Your hand?

https://www.youtube.com/watch?v=4iwF7tNS3O4


Romeinen 4

1 Wat zullen wij dan zeggen, dat Abraham, onze vader, verkregen heeft1 naar het vlees?2
2 Want indien Abraham uit de werken gerechtvaardigd is, zo heeft hij roem,3 maar niet bij God.4
3 Want wat zegt de Schrift? En Abraham geloofde God,5 en het is hem gerekend6 tot rechtvaardigheid.
4 Nu dengene, die werkt,7 wordt het loon niet toegerekend naar genade, maar naar schuld.8
5 Doch dengene, die niet werkt,9 maar gelooft in Hem,10 Die den goddeloze rechtvaardigt,11 wordt zijn geloof12 gerekend tot rechtvaardigheid.13
6 Gelijk ook David den mens zalig spreekt,14 welken God de rechtvaardigheid toerekent zonder werken;
7 Zeggende:15 Zalig zijn zij, welker ongerechtigheden vergeven zijn, en welker zonden bedekt zijn;
8 Zalig is de man, welken de Heere de zonden niet toerekent.

5) geloofde God,
Dat is, de beloften van God van Hem een schild en groot loon te zullen zijn, en van Hem een erfgenaam te geven, en Zijn zaad (nageslacht) te vermenigvuldigen, Gen. 15:1,4,5,6, waardoor niet alleen het vleselijk zaad, maar inzonderheid Christus verstaan wordt, de zoon van Abraham, waardoor of waarin alle geslachten van de aarde gezegend zouden worden. Zie hierna Romeinen 4:11,12,13, zoals ook Paulus verklaart Galaten 3:16. Zie ook Johannes 8:56.

6) het is hem gerekend
De Hebreeuwse tekst Gen. 15:6 zegt: en Hij, namelijk God, heeft het hem gerekend. Waardoor verstaan wordt dat God hem de gerechtigheid, die hij in zichzelf niet had, door het geloof op het beloofde nageslacht uit genade heeft geschonken.

10) gelooft in Hem,
Dat is, stelt zijn vertrouwen op de genade van God in Christus, Rom. 4:24,25.

12) zijn geloof
Niet dat het geloof, ten aanzien dat het een werk is, dit verdient, of in zichzelven waardig is, gelijk enigen verkeerdelijk menen; want dit heeft Paulus terstond tevoren aan alle werken, en derhalve ook aan het geloof als een werk, benomen; maar omdat God zulks uit enkele genade den gelovigen beloofd heeft, en omdat het geloof als een middel is, hetwelk de gerechtigheid van Christus aanneemt, en dezelve tussen Gods oordeel en zijn eigen misdaden stelt. Zie Rom. 5:9; 2 Cor. 5:19; Filipp. 3:9.

dinsdag 6 december 2016

Jesaja 40

9 O Sion, gij verkondigster van goede boodschap, klim op een hogen berg; o Jeruzalem, gij verkondigster van goede boodschap, hef uw stem op met macht, hef ze op, vrees niet, zeg den steden van Juda: Zie hier is uw God!
8 Het gras verdort, de bloem valt af; maar het Woord onzes Gods bestaat34 in der eeuwigheid.

9 O Sion,35 gij verkondigster36 van goede boodschap,37 klim op een hogen berg; o Jeruzalem,38 gij verkondigster van goede boodschap, hef uw stem op met macht, hef ze op, vrees niet, zeg den steden van Juda: Zie hier is uw God!39

34)bestaat Want het is een onvergankelijk zaad, door hetwelk wij wedergeboren worden ten eeuwigen leven; 1 Petr. 1:23,25.

35)O Sion, Alwaar de apostelen met de kracht uit de hoogte zouden aangedaan worden, en vanwaar het Evangelie zou uitgaan om door de ganse wereld uitgebreid te worden; zie Jes. 2:3; Micha 4:2; Hand. 2:8.  

36)verkondigster Anderen vertalen Jes. 40:9 aldus: O gij [ziel], die een goede boodschap brengt aan Zion. Of, O gij predikster, of verkondigster van goede boodschap aan Zion. En zo in het volgende lid.  

37)goede boodschap, Versta hier door de goede boodschap de zaligheid door Christus.  

38)Jeruzalem, Alwaar de apostelen met de kracht uit de hoogte zouden aangedaan worden, en vanwaar het Evangelie zou uitgaan om door de ganse wereld uitgebreid te worden; zie Jes. 2:3; Micha 4:2; Hand. 2:8.  

39)uw God! Te weten Jezus Christus, zie Hand. 2, Hand. 3, Hand. 4, Hand. 5.


zondag 4 december 2016

Plaats: Barendrecht
Kerk: Gereformeerde Gemeente
Voorlezer: ouderling C. Moree
Tijd: 4 dec. 2016 16.30u

Micha 5
1 En gij,1 Bethlehem Efratha!2 zijt gij klein3 om te wezen onder de duizenden van Juda?4 Uit u zal5 Mij voortkomen,6 Die een Heerser zal zijn in Israel,7 en Wiens uitgangen zijn8 van ouds, van de dagen der eeuwigheid.9

1) gij,
Dat is, u aangaande.

2) Bethlehem Efratha!
Zie Gen. 35:16,19; Richt. 12:8, met de aantekening. Hebr. Bethlechem; dat is, broodhuis; gelijk Efrath of Efratha [welke ook de naam was van Kalebs huisvrouw, 1 Kron. 2:19,24] komt van vruchtbaarheid.

3) zijt gij klein
Dat is, gij zijt geenszins klein, Matth. 2:6. Of [hoewel] gij klein zijt, enz. [nochtans] zal, enz. Anders aldus; Het [is wat] kleins, of gerings, een kleine zaak, dat gij zijt onder de duizenden, of voorgangers, vorsten, van Juda. [Verg. de aantekening van deze plaats, gedaan bij de overpriesters en schriftgeleerden voor de koning Herodes, Matth. 2:6]. De zin is: Gij zijt wel klein naar het uiterlijk aanzien, maar gij zult tot zeer grote waardigheid verheven worden door de geboorte van de Messias en Zaligmaker Jezus Christus.

4) duizenden van Juda?
Dit ziet op de afdeling van de stammen in hun duizenden, hebbende elke duizend zijn hoofd en overste, of leidsman en voorganger, zie Richt. 6:15; 1 Sam. 10:19, met de aantekening. Idem 1 Kron. 12:20. Daarom staat bij Matth. 2:6, onder de vorsten, of voorgangers, leidslieden, hertogen; zijnde daarenboven de twee Hebr. woorden, die duizend en een leidsman, of voorganger betekenen, elkander zeer na verwant en van één oorsprong.

5) Uit u zal
Naar zijn menselijke natuur en ten aanzien dat het eeuwig en zelfstandig Woord van de Vader vlees zal worden, zo zal hij in u, o Bethlehem, geboren worden, en alzo uit u voortkomen, of uitgaan.

6) Mij voortkomen,
Woorden van God de Vader.

7) Die een Heerser zal zijn in Israël,
Hebr. om een heerser te zijn.

8) uitgangen zijn
Of, hoewel zijn uitgangen, gelijk het woord uitgaan, of voortkomen, in het voorgaande gebruikt is van Christus voortkomst uit Bethlehem naar zijn mensheid, omdat Hij aldaar uit Maria zou geboren worden; alzo wordt hetzelfde Hebr. woord hier nu gebruikt van zijn eeuwige voortkomst of uitgang van de vader, tot betekenis van zijn eeuwige godheid en Goddelijke geboorte van de Vader, en dat in het veelvoudige getal, uitgangen, hetwelk niet vreemd in de Hebr. taal, inzonderheid tot betekenis van iets groots en iets bijzonders, [zie Obad. 1:21,enz.], als daar is de eeuwigheid van de Zoon met de Vader en zijn onbegrijpelijke geboorte van dezelve. Zie Hebr. 1:3.

9) van ouds, van de dagen der eeuwigheid.
Dat is, vóór het begin der schepping, ja van eeuwigheid, of eeuwige tijden af. Verg. Spreuk. 8:22,23,24,30,31; Joh. 1:1, en Joh. 17:5. Dat het Hebr. woord kredem, als het van God gebruikt wordt, somtijds eeuwigheid betekent, zie daarvan Deut. 33:27 met de aantekening.


Thema: De rijke toezegging van Micha van de komende Christus

1. De nederige plaats waar Hij komt
2. De heerschappij die Hij oefent

Gezongen:
Psalm 138 vs 2
Lofzang van Maria vs 3, 4, 6
Psalm 89 vs 8
Psalm 69 vs 14

Gij, hemel, aard' en zee, vermeldt Gods lof;
Laat al wat leeft Zijn trouw en goedheid prijzen;
Want God zal aan Zijn Sion hulp bewijzen,
En Juda's steên herbouwen uit het stof.
Daar zal Zijn volk weer wonen naar Zijn raad,
God eeuwig hun Zijn volle gunst betonen;
Daar zullen zij, Gods knechten met hun zaad,
Zij, die Zijn naam beminnen, erf'lijk wonen.


Plaats: Barendrecht
Kerk: Gereformeerde Gemeente
Voorganger: Student W. Mouw
Tijd: 4 dec. 2016 10.00u

Maleachi 4
2 Ulieden daarentegen, die Mijn Naam vreest, zal de Zon der gerechtigheid opgaan,3 en er zal genezing zijn4 onder Zijn vleugelen;5 en gij zult uitgaan,6 en toenemen,7 als mestkalveren.

3) De Zon der gerechtigheid opgaan,
Alzo wordt Christus Jezus genoemd, omdat Hij de verstanden door zijn Woord en Geest verlicht, en de harten de gelovigen verkwikt door vergeving der zonden en toerekening der gerechtigheid. Verg. Jes. 60:1,19; Dan. 9:24, en Luk. 1:78,79.

4) genezing zijn
Te weten, van de verslagenen gemoederen, die hun zonden gevoelen.

5) Zijn vleugelen;
Te weten, de Zon der gerechtigheid, welke is Jezus Christus.

6) uitgaan,
Te weten, op een vette weide. Anderen verstaan dit van het uitgaan uit de gevangenis der zonden en van de dienstbaarheid des duivels, om God te dienen in heiligheid en gerechtigheid. Zie Joh. 8:36; 2 Cor. 3:17.

7) toenemen,
Aan tijdelijke en geestelijke welstand, door de zegen des Heeren.


Thema: De belofte van de opgaande Zon der gerechtigheid

1. Bestemming van die belofte
      Ulieden daarentegen die Mijn Naam vreest
2. Verklaring van die belofte
3. Vrucht van die belofte

Gezongen:
Psalm 119 vs 25
Psalm 119 vs 75
Psalm 130 vs 1, 3, 4
Psalm 147 vs 2, 6
Psalm 68, 2



Romeinen 5
2 Door Welken wij ook de toeleiding hebben door het geloof tot deze genade, in welke wij staan, en roemen in de hoop der heerlijkheid Gods.


"toeleiding hebben": Of, toegang tot deze genade; waardoor te kennen gegeven wordt, dat wij tot deze genade vanzelf niet zijn gegaan, maar dat wij van Christus door Zijnen Geest daartoe zijn geleid; Ef. 2:8; Hebr. 8:10.

Hebreen 12 vers 2
2 Ziende op den oversten Leidsman en Voleinder des geloofs, Jezus, Dewelke, voor de vreugde, die Hem voorgesteld was, het kruis heeft verdragen, en schande veracht, en is gezeten aan de rechter hand des troons van God.

Hij is het Die ons metterdaad door Zijn Geest tot de genade van God leidt.
...
Het middel waardoor deze toeleiding plaatsvindt, is het geloof.
...
Het geloof is de hand waarmee wij de Heere Jezus aangrijpen en met Hem verenigd worden.
Het geloof neemt de plaats van de voeten in waarmee wij tot God gaan.
Het geloof is de mond waardoor wij de genade van God proeven en genieten.
Door het geloof naderen wij tot God.
Door het geloof zien we God, spreken we tot God, en rusten wij in God.
Daarom worden woorden als 'geloven', 'komen', 'gaan' en 'eten' in de Heilige Schrift ook met elkaar verwisseld.
...
Het geloof doet de zondaar zeggen: "Heere, ik ben onwaardig om tot U te naderen en voor U te verschijnen, maar hier is Uw eigen Zoon. U hebt Hem Zelf tot een Middelaar en Borg aangesteld, Hem in de dood overgegeven en gewild dat Hij ons met U zou verzoenen. U hebt Hem mij geschonken en tot een verzoening voorgehouden en aangeboden. Heere ik neem Hem aan, ik kom in Zijn Naam tot U. Ik bid U, zie Zijn zoenoffer aan en wees mij om Zijnentwil genadig".

Bron: "Uw Woord is een lamp."
Bernardus Smytegelt

Genesis 1
16 And God made two great lights; the greater light to rule the day, and the lesser light to rule the night: he made the stars also.

vrijdag 2 december 2016

De Schepper, de Verlosser en de Voleinder

Wij zeggen wel eens: “Op iedere bladzijde van de Bijbel wordt Christus gepredikt!” En zo is het ook. Elke pagina bepaalt ons -direct of indirect- bij Hem, Die het Middelpunt is van Gods openbaring.

Mensen die weinig of nooit in de Bijbel lezen kunnen zich dit misschien niet voorstellen. Iedere serieuze, gelovige Bijbellezer zal het echter onmiddellijk beamen: de Heere Jezus is de Christus der Schriften. Alles getuigt van Hem. De Heiland sprak tot de Joden: “U onderzoekt de Schriften, want u denkt daardoor eeuwig leven te hebben, en die zijn het die van Mij getuigen. En toch wilt u niet tot Mij komen opdat u leven hebt” (Joh. 5:39). Elk misverstand wordt door de Heere uitgesloten: kennis van de Bijbel maakt een mens niet zalig! Iemand zegt: ”Ik ken de hele Bijbel van buiten!” Dat is mooi, maar belangrijker is: Ken je de Bijbel ook van binnen? Dit wil zeggen: ken je Hem van wie de Bijbel getuigt? Geloof je in Jezus Christus als je persoonlijke Verlosser en Zaligmaker?
Heel de Bijbel getuigt van Zijn Persoon en Zijn verlossingswerk. Op allerlei manieren maakte God de heilsboodschap van Zijn Zoon bekend: in profetieën, in beloften, in beelden, in typen, in liederen, in spreuken en noem maar op. Hij is de Zoon van het welbehagen van God. Hij is: “onze grote God en Zaligmaker” (Titus 2:13). De Bijbel zegt in 1 Johannes 5: “En dit is het getuigenis, namelijk dat God ons het eeuwige leven gegeven heeft; en dit leven is in Zijn Zoon. Wie de Zoon heeft, heeft het leven; wie de Zoon van God niet heeft, heeft het leven niet” (vs. 11 en 12). Alles staat of valt dus bij onze verhouding met de Zoon, de Heere Jezus Christus. Je kunt nog zoveel weten over Hem, je kunt nog zoveel kennis hebben van de Bijbel, maar als je Hem niet kent als je Verlosser en Heer, dan bezit je... niets!

De mens in Adam is een zondaar. De Bijbel zegt: "Want het loon van de zonde is de dood, maar de genadegave van God is eeuwig leven, door Jezus Christus, onze Heere" (Rom. 6:23). Hij heeft door Zijn verzoenend lijden en sterven een eeuwige verlossing teweeggebracht. Hij heeft de dood tenietgedaan en onvergankelijk leven aan het licht gebracht (2 Tim. 1:10). Leven zonder Hem is geen leven! De roeping van ieder mens is in deze wereld om te leven voor God. Om dit kunnen moet hij of zij eerst dit (nieuwe) leven ontvangen. Hoe ontvangt iemand dit waarachtige, zinvolle leven? Door te geloven in de Heere Jezus. Niet meer en niet minder!
Híj heeft alles gedaan wat nodig was om een volkomen gerechtigheid tot stand te brengen. Zíjn bloed reinigt ons van alle zonde (1 Joh. 1:7) en alleen zó, gereinigd, gerechtvaardigd en geheiligd kan een mens leven tot eer van God! De Bijbel zegt: "zonder geloof is het onmogelijk God te behagen" (Hebr. 11:6). Met andere woorden: eerst als gelovige wordt iemand volkomen mens in de ogen van God. God ziet hem of haar aan in Zijn Zoon: rein, heilig en volmaakt. Dit is het onvoorstelbare voorrecht van de gelovige! Christus is de kracht van God en de wijsheid van God, schrijft Paulus in 1 Korintiërs 1:24. Op een andere plaats spreekt hij de hoop uit, dat de gelovigen het geheimenis van God mogen kennen, Christus, in Wie al de schatten van de wijsheid en van de kennis verborgen zijn (Kol. 2:2 en 3).
God geve, dat we allen Hem zo mogen kennen en onze vreugde mogen vinden in Hem, de Geliefde, in wie God Zijn welbehagen heeft!


Bron: amen.nl

woensdag 30 november 2016

Plaats: Barendrecht
Kerk: Gereformeerde Gemeente
Voorganger: Ds. G.J.N. Moens
Tijd: 30 nov. 2016 19:30u

Jesaja 9
5 Want een Kind is ons geboren, een Zoon is ons gegeven, en de heerschappij is op Zijn schouder;


Jesaja's adventsverwachting

1 Wat Jesaja zegt van de Zoon
2 De ons gegeven Zoon

Gezongen:
Psalm 89, vs 3, 9
LvM 1 3 5
Psalm 130 3 4
LvZ 5

Vers 4 van Jesaja gaat over de strijd van Gideon.

Jesaja voorzegt 600 jaar voordat dit daadwerkelijk plaatsvindt:

Want een Kind IS ons geboren, een Zoon IS ons gegeven;
of met een andere nadruk:
Want een Kind is ONS geboren, een Zoon is ONS gegeven;

Het is op deze manier in de Bijbel opgeschreven alsof het toen al was gebeurd.
Met deze adventsverwachting leefde Jesaja.

In de mensen een welbehagen.

Dat God mens wilde worden was geen vernedering, want we zijn geschapen naar Gods beeld. Maar de vernedering is dat God mens wilde worden nadat de mens in de zonde is gevallen, met alle gebrokenheid en ellende dat dit heeft voortgebracht.

Ds. Moens sprak ook even over mensenzelen.
Hosea 11
4 Ik trok ze met mensenzelen,6 met touwen der liefde.

6)

mensenzelen,

Dat is, menselijke, waar men mensen mede trekt, lijdelijke, lieflijke en zachte zelen, om hen niet te kwetsen of te bezeren. Vergelijk de manier van spreken met 2 Sam. 7:14; Jes. 8:1. Deze woorden drukken de lieflijkheid, vriendelijkheid en lankmoedigheid Gods in het leiden van zijn volk zeer levendig uit.



Zien wij door het geloof het 'in de mensen een welbehagen'?


zondag 27 november 2016

27 nov. 2016 10.00u

Plaats: Barendrecht
Kerk: Gereformeerde Gemeente
Voorganger: Ds. W. Silfhout
Tijd: 27 nov. 2016 10.00u

1e Adventszondag


Gelezen: Genesis 5 vers 22 t/m Genesis 6 vers 9

Tekst: Genesis 5
28 En Lamech leefde honderd twee en tachtig jaren, en hij gewon een zoon.
29 En hij noemde zijn naam Noach, zeggende: Deze zal ons troosten over ons werk, en over de smart onzer handen, vanwege het aardrijk, dat de HEERE vervloekt heeft!

Thema: Lamech en zijn uitzien naar de belofte

1 Zijn leven onder de openbaring van de belofte
2 Zijn uitzien naar de vervulling van die belofte
3 Geloof in de zekerheid van de belofte

Gezongen:
Psalm 25 vs 2
Vers 2
HEER, ai, maak mij Uwe wegen,
Door Uw woord en Geest bekend;
Leer mij, hoe die zijn gelegen,
En waarheen G' Uw treden wendt,
Leid mij in Uw waarheid, leer
IJv'rig mij Uw wet betrachten;
Want Gij zijt mijn heil, o HEER,
'k Blijf U al den dag verwachten.

Psalm 119 vs 74
Vers 74
Ik heb somtijds het scheem'rend morgenlicht
Verrast, om U mijn schreien te doen horen;
'k Heb op Uw woord gehoopt, en mijn gezicht,
Eer nog het uur der nachtwaak was geboren,
Den slaap ontroofd, om, naar mijn lust en plicht,
De wijsheid van Uw reed'nen na te sporen.

Psalm 147 vs 2, 6

Vers 2
Hij heelt gebrokenen van harte,
En Hij verbindt z' in hunne smarte,
Die, in hun zonden en ellenden,
Tot Hem zich ter genezing wenden.
Hij telt het groot getal der starren,
Die 't scherpst gezicht op aard' verwarren.
Hij roept dat talloos heir te zamen,
En noemt die alle bij haar namen.

Vers 6
De HEER betoont Zijn welbehagen
Aan hen, die need'rig naar Hem vragen,
Hem vrezen, Zijne hulp verbeiden,
En door Zijn hand zich laten leiden;
Die, hoe het ook moog' tegenlopen,
Gestadig op Zijn goedheid hopen.
O Salem, roem den HEER der heren;
Wil Uwen God, o Sion, eren!

Psalm 34 vs 8, 9

Vers 8
God slaat een gram gezicht
Op bozen, die Hem tegenstaan;
Hij doet hun naam met hen vergaan
Door 't hoogste strafgericht.
Maar Hij ziet gunstig neer
Op hem, die naar Zijn wetten leeft;
God is het, Die hem uitkomst geeft,
Zijn groten naam ter eer.

Vers 9
God is 't verbroken hart,
't Verbrijzeld en bedrukt gemoed,
Te allen tijd' nabij en goed,
In tegenheid en smart.
Veel wederwaardigheên,
Veel rampen zijn des vromen lot;
Maar uit die alle redt hem God;
Hij is zijn heil alleen.

Psalm 72 vs 8
Vers 8
"Zo moet de Koning eeuwig leven!"
Bidt elk met diep ontzag;
Men zal Hem 't goud van Scheba geven,
Hem zeeg'nen, dag bij dag.
Is op het land een handvol koren,
Gekoesterd door de zon,
't Zal op 't gebergt' geruis doen horen,
Gelijk de Libanon.


"Deze zal ons troosten over ons werk, en over de smart onzer handen, vanwege het aardrijk, dat de HEERE vervloekt heeft!"

"Deze zal ons troosten over ons werk.."

Troosten. Een troost in een aardrijk dat vervloekt is.
Ziende op het kind in de kribbe.

Adventsverwachting.

De zekerheid van die belofte:

18 Doch God is getrouw, dat ons woord,38 hetwelk tot u is geschied, niet is geweest ja en neen.39
19 Want de Zoon van God, Jezus Christus, Die onder u door ons is gepredikt, namelijk door mij, en Silvanus, en Timotheus, was niet ja en neen,40 maar is geweest ja in Hem.41
20 Want zovele beloften Gods als er zijn, die zijn in Hem ja, en zijn in Hem amen, Gode tot heerlijkheid door ons.43

 38)    ons woord,
Namelijk dat van ons tot u is gepredikt. Want in deze volgende vijf verzen wederspreekt de apostel eerst het besluit der valse leraars, die omdat de apostel deze belofte van tot hen te komen niet scheen gehouden te hebben, daaruit wilden besluiten dat dan zijn gehele predikatie onvast was, en daarop niet was te steunen. Doch op de belofte zelve van tot hen te komen, antwoordt hij hierna 2 Cor. 1:23,24.

39)    ja en neen.
Dat is, onvast en onzeker, gelijk als de mensen, die nu ja nu neen zeggen over een zelfde zaak, onvast en onzeker zijn in hunne woorden en doen.

40)    was niet ja en neen,
Namelijk in onze prediking. Gelijk Christus de Zaligmaker niet veranderlijk is, maar gisteren, heden en in eeuwigheid dezelfde is, Hebr. 13:8, alzo is Hij ook niet anders van ons gepredikt en is altijd hetzelfde Evangelie van Christus aan de gemeente van ons voorgesteld. Zie Gal. 1:7,8,9.

41)    in Hem.
Namelijk God. Want gelijk hij Hem den Zoon Gods genaamd had, zo betuigt hij ook dat Christus is Ja, dat is, standvastigheid en waarheid in God of in Gods beloften, die enkel waarheid en vastheid zijn, gelijk in 2 Cor. 1:20 verklaard wordt.

42)    in Hem ja en zijn
Namelijk in Christus Jezus. Want gelijk Christus altijd dezelfde is in Gods beloften, die onveranderlijk zijn, alzo zijn alle beloften Gods van onze zaligheid Ja, dat is waarheid, en Amen, dat is gewisheid en vastigheid, in Christus, omdat God in het Nieuwe Verbond gene beloften der zaligheid doet noch volbrengt dan in Christus en door Christus. Zie Joh. 14:6; Hand. 4:12; Ef. 1:3, enz.
    .

43)    door ons.
Dat is, door den dienst van ons apostelen en leraars, die in deze leer ook niemand moeten kennen dan Christus en dien gekruisigd; 1 Cor. 2:2; Col. 2:9,10, enz.

Ds. Silfhout begon de predikatie met de vraag of we mogen uitzien naar de wederkomst van Christus.
Uitzien met verwachting, door het geloof.

Zoals ook uitgesproken in het votum:
"Onze hulp en onze enige verwachting is in de Naam des Heeren HEEREN, die hemel en aarde geschapen heeft, die trouw houdt en eeuwig leeft, en die nooit laat varen enig werk dat Zijn hand begon. Amen."

zaterdag 26 november 2016

Psalm 2

11 Dient den HEERE met vreze25, en verheugt u26 met beving.
12 Kust den27 Zoon, opdat Hij niet toorne, en gij op den weg vergaat28, wanneer Zijn toorn maar een weinig29 zou ontbranden. Welgelukzalig zijn allen, die op Hem betrouwen.

25)    vreze
Met kinderlijke vreze, erende en ontziende den HEERE, gelijk goede kinderen hun goede vader doen.
 
26)    verheugt u
Over de grote zaligheid, die u van den groten en zeer genadigen God, tegen al uwe verdiensten, wordt voorgedragen, om door geloof te genieten in zijn eniggeboren Zoon, wiens verachters schrikkelijk zullen ontkomen. Verg. Hos. 11:10,11. Filipp. 2:12.
 
27)    Kust den
Dat is, eert Hem als mijn eeuwigen Zoon, en neemt Hem voor uwen Koning aan, gelooft in Hem, weest Hem onderdanig. Verg. Gen. 41:40. 1 Sam. 10:1.
 
28)    weg vergaat
Of, onderweg; dat is, in het midden van uw gewoel en ongehoorzaamheid.
 
29)    een weinig
Of, haastiglijk, een korte tijd. Zie 2 Kron. 12:7. Ps. 81:15. Jes. 26:20. Anders, want zijn toorn zal in kort ontbranden.

maandag 21 november 2016

zo 13 nov. 2016 10.00u

Plaats: Rotterdam
Kerk: Christelijk Gereformeerde Kerk Rotterdam-Kralingen (Jeruzalemkerk)
Voorganger: ds. A.J.T. Ruis
Tijd: 13 nov. 2016 10.00u

Psalm 27
 6a en 5b
Vers 6
Want, schoon ik zelfs van vader en van moeder
Verlaten ben, de HEER is goed en groot;
Hij is en blijft mijn Vader en Behoeder.
Leer mij, o God, Uw weg in allen nood;

Verberg toch niet Uw oog van mij, o HEER!
Ik ben Uw knecht, zie niet in toorne neer.
Gij waart mijn hulp in al mijn zielsverdriet.
O God mijns heils, begeef, verlaat mij niet.


Psalm 86 6
Vers 6
Leer mij naar Uw wil te hand'len,
'k Zal dan in Uw waarheid wand'len;
Neig mijn hart, en voeg het saâm
Tot de vrees van Uwen naam.
HEER, mijn God, ik zal U loven,
Heffen 't ganse hart naar boven;
'k Zal Uw naam en majesteit
Eren tot in eeuwigheid.

Fil 3 1-16
Vers 8, 9
8 Ja, gewisselijk, ik acht ook alle dingen schade te zijn, om de uitnemendheid der kennis van Christus Jezus, mijn Heere; om Wiens wil ik al die dingen schade gerekend heb, en acht die drek te zijn, opdat ik Christus moge gewinnen.
9 En in Hem gevonden worde, niet hebbende mijn rechtvaardigheid, die uit de wet is, maar die door het geloof van Christus is, namelijk de rechtvaardigheid, die uit God is door het geloof;
Psalm 45
Vers 1
Mijn hart, vervuld met heilbespiegelingen,
Zal 't schoonste lied van enen Koning zingen;
Terwijl de Geest mijn gladde tonge drijft;
Is z' als de pen van een, die vaardig schrijft.
Beminlijk Vorst, uw schoonheid hoog te loven,
Gaat al het schoon der mensen ver te boven;
Genâ is op uw lippen uitgestort,
Dies G' eeuwiglijk van God gezegend wordt.

Vers 2
Gord, gord, o Held, uw zwaard aan uwe zijde,
Uw blinkend zwaard, zo scherp gewet ten strijde;
Vertoon uw glans, vertoon uw majesteit;
Rijd zegenrijk in uwe heerlijkheid
Op 't zuiv're woord der waarheid; rijd voorspoedig,
En heers alom rechtvaardig en zachtmoedig;
Uw rechterhand zal 't Godd'lijk rijk behoên,
En in den krijg geduchte daden doen.

Zie ook 2 Petrus 3 vers 16.
Sommige brieven van Paulus kunnen moeilijk zijn om te begrijpen. Als het ons maar niet ervan weerhoudt om ze te lezen.
Al stellen ze diepe en hoge dingen aan de orde, toch gaat het om de kern en om het hart van het evangelie. De enige grond van de zaligheid.

Daar hopen we bij stil te staan.

Thema: winst door verlies in het leven van Paulus
1 verlies van Paulus
   Ja gewisselijk ik acht ook alle dingen schadelijk te zijn. Om wiens wil ik al die dingen.....
2 het verlangen van Paulus
  8. om de uitnemendheid der kennis.... opdat ik Christus moge gewinnen en in Hem gevonden
3. verlossing van Paulus
     Niet..... "namelijk de rechtvaardigheid, die uit God is door het geloof;

De brief aan de gemeente van Fillipi. "Ziet op de honden, ziet op de versnijding." Kwade arbeiders... Daartegenover gaat Paulus stellen het evangelie en de enige grond van zaligheid door het geloof in de Heere Jezus Christus.
Paulus was besneden op de achtste dag. Hij behoorde tot het verbondsvolk. Hij droeg het teken en het zegel van het verbond. Buitengewoon rechtzinnig in de leer. Hij behoorde tot de Farizeeën. Grote delen van de Schriften kende hij uit het hoofd. Hij was buitengewoon vol van ijver voor de dienst van de Heere. Hij was onberispelijk als het gaat over zijn levenswandel. Al die voorrechten heeft hij vroeger beschouwd als winst. Als de grond waarop hij kon bestaan. Paulus had gezegd, het gaat goed, ik ben een ijveraar voor de wet, besneden, mijn leven is onberispelijk, het gaat op de hemel aan. Maar er is een punt gekomen dat alles is weggeslagen. "wat mij gewin was dat heb ik schade geacht". Daar heb ik de grond uit verloren. Ik heb gezien dat dat geen grond kan zijn voor de eeuwigheid.

Schade geacht:
Om 2 dingen:

1. in het licht van het recht van God. Dat heeft de Heere laten zien dat Hij een God van recht was. De wet heeft de Heere laten spreken. Toen heeft Paulus gezien dat hij die eisen van Gods recht nooit kon beantwoorden.
Hoe zal ik die hoge rechtvaardige God ontmoeten alleen maar met mijn eigen rechtvaardigheid. Hoe zal ik voor de Heere kunnen bestaan met mijn rechtzinnigheid? Hoe zal ik voor God kunnen bestaan met die uitwendige tekenen van Gods genade, wanneer die niet werkelijk in mijn hart zijn gezonken.
In het licht van Gods recht heeft Paulus alles moeten verliezen.
Daar deinst een mens wel voor terug. Misschien wilt u daar liever niet over horen. Wij zijn als mensen altijd op de vlucht voor wie God werkelijk is. Toch is het zo nodig om alle grond in mezelf te verliezen.

2. Paulus heeft dat voorrecht niet alleen verloren en schade geacht in het licht van Gods recht, maar ook in het licht van Gods Zoon?
Dat heb ik "Om Christus wil" schade geacht." Eén is er die voor God kan bestaan: Gods eigen lieve Zoon met Zijn volmaakte gerechtigheid. Dat daar de grond van zaligheid ligt.

"Ja gewisselijk": dat betekent, wat zeker is. Er is ook een zekere opklimming in.
Ik acht ook alle dingen schadelijk te zijn. Ik acht de verleiding en de verlokking van de zonde schadelijk te zijn. Ik leidt schade aan de ziel. Ook de dingen van het gewone tijdelijke leven. Het huis waarin we wonen. Bezittingen die we hebben. De geoorloofde genoegens die we mogen ontvangen. Ik acht ze schade te zijn. Hoe dan? Als we er ons hart op zetten. Alle vermeende gronden buiten de Heere Jezus Christus. Ook na ontvangen genade kunnen we er nog zo op steunen, maar die geen grond zijn voor de zaligheid. Bijvoorbeeld werken der dankbaarheid. Die Paulus ook heeft mogen doen in zijn leven. Hij heeft ook in het ambtelijke heel wat mogen bereiken. Gemeenten gesticht. Brieven geschreven. Middelijkerwijs tot de zaligheid mogen leiden. Paulus werd daarvoor gebruikt. Daar heeft de Heere mij willen gebruiken. En het is hem allemaal schade.
Als Paulus voor God verschijnt kan hij niet zeggen, nu heb ik zoveel mensen tot U gebracht, nu heb ik zoveel beproevingen mogen doorstaan... Nee dan staat Paulus daar als een arme, naakte, schuldige zondaar. Alle dingen kunnen zijn schuld niet bedekken.
In het begin van het 8e vers: de tijd waarin de apostel schrijft.
Ja gewis: ik acht het nog steeds schade. 30 jaren na zijn bekering schrijft Paulus deze woorden. Dat is een voortdurende oefening geweest.
Onreine en bezoedelde handen waar bloed aan kleefde. Hij moet zich daar steeds weer in geoefend worden. Om niet te bouwen anders dan op het ene fundament Christus.
Hij was ook vatbaar voor hoogmoed. 2 kor. 12. Opdat ik mij niet zou verheffen... Paulus moest ervoor bewaard worden.

Wat heeft Paulus een diep besef gehad van de reinheid en van de heiligheid van God.

Alles heeft Paulus moeten verliezen. De vraag is: kent u dat gelukkige verlies?
Acht u de zonde schade? In zijn verleidende en verlokkende kracht. Acht u de dingen van deze wereld, voor zover ze voor verwijdering zorgen: schade!
Achten we alle gronden buiten de Heere Jezus Christus en Zijn gerechtigheid.
Onze tranen: zijn dat nog gronden waarop we steunen? De werken der dankbaarheid: hebt u geleerd om daar drek op te schrijven. Het gelukkige verlies van Paulus.
Onze tekst schrijft vanmorgen ook over een hunkerend verlangen dat er is in het hart van Paulus.
In het licht van het recht van God moest Paulus alle grond verliezen.
In het licht van de Zoon van God wil Hij alle andere gronden verliezen.
Een hunkerend verlangen, waarnaar? Om de uitnemendheid van de kennis van Christus Jezus Mijn Heere.
Het is me te doen om de onuitsprekelijke waarde van de kennis van de Heere Jezus Christus. Daar is mijn verlangen nu op gericht. Daar haakt mijn hart naar.
Heel persoonlijke in het leven van Paulus. Christus is Hem bekend gemaakt.

Om de uitnemendheid der kennis van Christus Jezus, mijn Heere;

Flonkerende diamanten, de namen van de Heere.

Jezus: gekomen om zondaren zalig te maken.

Paulus zoekt Hem dieper te kennen. De apostel die zoveel bevindelijke kennis had. De geloofskennis. De apostel zoekt in die kennis toe te nemen. Daar is het hem om te doen: Jezus.
Nog een andere flonkerende diamant: Christus.
De door God aangewezene. De grote Profeet die Paulus had onderwezen.
Wees op zijn schuld.
Wees op het recht van God.
Die de zegen voor Paulus verdiend heeft.
Veelzeggend dat hij die naam als eerste noemt.
Hij wil Hem dieper kennen als zijn Profeet, als zijn Koning.
Derde flonkerende diamant, heel teer en heel persoonlijk: mijn Heere.
Diegene die mij tegen gekomen is. Die me heeft opgehaald uit de ellende en uit de verlorenheid. Die alle verzet in mij overwonnen heeft. In wiens dienst ik sta. Persoonlijk, ambtelijk. "Mijn Heere."
Is dat uw verlangen? "Mijn Heere". Wat is uw verlangen de afgelopen week geweest?
Misschien zegt iemand, als ik maar iets van Hem mag leren kennen. Die ik ook persoonlijk zoek te leren kennen. Weet dan één ding, kennis van Christus wordt maar op één plaats verkregen. Dat is altijd in de diepte. Diepere ontdekking wie ik zelf ben. Daar waar ik leer melaats te zijn. Hoe zal de alles en iedereen overwinnende Koning waarde krijgen als ik niet leer: ik ben vijandschap.
De Heere werkt door de diepte van de beproeving heen. De uitnemendheid van de kennis van de Heere Jezus Christus.
Waar ik meer aan mijn schuld ontdekt wordt, daar wordt Hij steeds meer!
Vers 9:
En in Hem30 gevonden worde
Op de dag van de wederkomst. Als God komt om te oordelen de levenden en de doden! Als God komt om alles en een ieder te doorzoeken.

"niet hebbende mijn rechtvaardigheid, die uit de wet is"

Daar moet Paulus voortdurend aan sterven.
Wat is dan je grond Paulus? Wat is dan waarop je rusten kan?

"maar die door het geloof van Christus is".

Misschien zegt u het is moeilijk? Wat is die enige grond: de gerechtigheid van Christus. Hij is blank en rood. De enige die de wet van de Vader volkomen vervult. Die de eer van de Vader volkomen heeft verheerlijkt. Die de deugden van de Vader heeft laten schitteren op volkomen wijze. Hij heeft alles gedaan wat God vroeg. En Hij heeft de eer van God hersteld. Wat wordt Christus daardoor dierbaar voor Gods Kerk. Omdat ze door genade God ook hebben lief gekregen.
De smart van het hart: Heere ik kan Uw eer niet zo bedoelen. Alleen al met mijn gedachten zondig ik dagelijks.
Een oceaan van troost: als u een geloofsoog mag slaan op de Heere Jezus die alles heeft gedaan.
Psalm 62 vers 5: In God is al mijn heil, mijn eer.
Hij heeft gedaan wat ik niet kon doen. Als ik in Christus ben ziet God mijn zonden niet meer. Maar dan ziet Hij de volmaakte geoorzaamheid van Christus. Dat is de grond van Paulus geworden.
En als dat zo is, dat de gerechtigheid van Christus mijn gerechtigheid mag zijn, dan straft God de zonden niet meer. Dan hoef ik niet meer te vrezen voor de jongste dag. De oordeelsdag. Die dubbele gerechtigheid is de troost van Gods kind. Kreeg het al waarde voor u?
Dit is het waar het om gaat. Met onze eigen gerechtigheid, met onze ongerechtigheid gaan we verloren.
Hoe wordt die gerechtigheid nu de mijne? Die gerechtigheid wordt u voorgesteld in de prediking. Deze gerechtigheid redt van de eeuwige dood.
De laatste woorden van onze tekst:
"de rechtvaardigheid, die uit God is door het geloof;"
David Dickson werd gevraagd op zijn sterfbed hoe het ging. Hij zie, ik werp alle dingen die ik gedaan heb in mijn leven, de slechte dingen en ook de goede dingen aan de voeten van de Heere. En ga vervolgens met lege handen tot Christus.

Hij nodigt ook deze morgen nog de grootste van de zondaren.
De onreinste. De slechtste. Degene die alles hebben bedorven.
Komt herwaarts tot mij die vermoeid en belast zijt. En ik zal u rust geven.

Psalm 2 6
Vers 6
Vreest 's HEEREN macht en dient Zijn Majesteit;
Juicht, bevend op 't gezicht van Zijn vermogen,
En kust den Zoon, van ouds u toegezeid,
Eer u Zijn toorn verdelg' voor aller o - gen;
U op uw' weg tot stof doe wederkeren,
Wanneer Zijn wraak, getergd door uw gedrag,
U, onverhoeds, zou door haar gloed verteren,
Tot staving van Zijn langgehoond gezag.

Psalm 121
Vers 4
De HEER zal u steeds gadeslaan,
Opdat Hij in gevaar,
Uw ziel voor ramp bewaar';
De HEER, 't zij g' in of uit moogt gaan,
En waar g' u heen moogt spoeden,
Zal eeuwig u behoeden.