zaterdag 10 december 2016

Lord Have Mercy

At peace we come to pray and to seek the Lord today For salvation
from His hand, for the healing of our land. Let us pray. Let us pray.

Lord have mercy. Lord have mercy. For we have placed all our hopes in Thee.

For our sin we repent oh Lord. We believe Your holy words. Have mercy now we pray and take all our sins away. Kyrie. Christe.

And if you embark iniquity Lord who can stand, who can stand the mercy
like a fountain flows from Your hand?

https://www.youtube.com/watch?v=4iwF7tNS3O4


Romeinen 4

1 Wat zullen wij dan zeggen, dat Abraham, onze vader, verkregen heeft1 naar het vlees?2
2 Want indien Abraham uit de werken gerechtvaardigd is, zo heeft hij roem,3 maar niet bij God.4
3 Want wat zegt de Schrift? En Abraham geloofde God,5 en het is hem gerekend6 tot rechtvaardigheid.
4 Nu dengene, die werkt,7 wordt het loon niet toegerekend naar genade, maar naar schuld.8
5 Doch dengene, die niet werkt,9 maar gelooft in Hem,10 Die den goddeloze rechtvaardigt,11 wordt zijn geloof12 gerekend tot rechtvaardigheid.13
6 Gelijk ook David den mens zalig spreekt,14 welken God de rechtvaardigheid toerekent zonder werken;
7 Zeggende:15 Zalig zijn zij, welker ongerechtigheden vergeven zijn, en welker zonden bedekt zijn;
8 Zalig is de man, welken de Heere de zonden niet toerekent.

5) geloofde God,
Dat is, de beloften van God van Hem een schild en groot loon te zullen zijn, en van Hem een erfgenaam te geven, en Zijn zaad (nageslacht) te vermenigvuldigen, Gen. 15:1,4,5,6, waardoor niet alleen het vleselijk zaad, maar inzonderheid Christus verstaan wordt, de zoon van Abraham, waardoor of waarin alle geslachten van de aarde gezegend zouden worden. Zie hierna Romeinen 4:11,12,13, zoals ook Paulus verklaart Galaten 3:16. Zie ook Johannes 8:56.

6) het is hem gerekend
De Hebreeuwse tekst Gen. 15:6 zegt: en Hij, namelijk God, heeft het hem gerekend. Waardoor verstaan wordt dat God hem de gerechtigheid, die hij in zichzelf niet had, door het geloof op het beloofde nageslacht uit genade heeft geschonken.

10) gelooft in Hem,
Dat is, stelt zijn vertrouwen op de genade van God in Christus, Rom. 4:24,25.

12) zijn geloof
Niet dat het geloof, ten aanzien dat het een werk is, dit verdient, of in zichzelven waardig is, gelijk enigen verkeerdelijk menen; want dit heeft Paulus terstond tevoren aan alle werken, en derhalve ook aan het geloof als een werk, benomen; maar omdat God zulks uit enkele genade den gelovigen beloofd heeft, en omdat het geloof als een middel is, hetwelk de gerechtigheid van Christus aanneemt, en dezelve tussen Gods oordeel en zijn eigen misdaden stelt. Zie Rom. 5:9; 2 Cor. 5:19; Filipp. 3:9.

dinsdag 6 december 2016

Jesaja 40

9 O Sion, gij verkondigster van goede boodschap, klim op een hogen berg; o Jeruzalem, gij verkondigster van goede boodschap, hef uw stem op met macht, hef ze op, vrees niet, zeg den steden van Juda: Zie hier is uw God!
8 Het gras verdort, de bloem valt af; maar het Woord onzes Gods bestaat34 in der eeuwigheid.

9 O Sion,35 gij verkondigster36 van goede boodschap,37 klim op een hogen berg; o Jeruzalem,38 gij verkondigster van goede boodschap, hef uw stem op met macht, hef ze op, vrees niet, zeg den steden van Juda: Zie hier is uw God!39

34)bestaat Want het is een onvergankelijk zaad, door hetwelk wij wedergeboren worden ten eeuwigen leven; 1 Petr. 1:23,25.

35)O Sion, Alwaar de apostelen met de kracht uit de hoogte zouden aangedaan worden, en vanwaar het Evangelie zou uitgaan om door de ganse wereld uitgebreid te worden; zie Jes. 2:3; Micha 4:2; Hand. 2:8.  

36)verkondigster Anderen vertalen Jes. 40:9 aldus: O gij [ziel], die een goede boodschap brengt aan Zion. Of, O gij predikster, of verkondigster van goede boodschap aan Zion. En zo in het volgende lid.  

37)goede boodschap, Versta hier door de goede boodschap de zaligheid door Christus.  

38)Jeruzalem, Alwaar de apostelen met de kracht uit de hoogte zouden aangedaan worden, en vanwaar het Evangelie zou uitgaan om door de ganse wereld uitgebreid te worden; zie Jes. 2:3; Micha 4:2; Hand. 2:8.  

39)uw God! Te weten Jezus Christus, zie Hand. 2, Hand. 3, Hand. 4, Hand. 5.


zondag 4 december 2016

Plaats: Barendrecht
Kerk: Gereformeerde Gemeente
Voorlezer: ouderling C. Moree
Tijd: 4 dec. 2016 16.30u

Micha 5
1 En gij,1 Bethlehem Efratha!2 zijt gij klein3 om te wezen onder de duizenden van Juda?4 Uit u zal5 Mij voortkomen,6 Die een Heerser zal zijn in Israel,7 en Wiens uitgangen zijn8 van ouds, van de dagen der eeuwigheid.9

1) gij,
Dat is, u aangaande.

2) Bethlehem Efratha!
Zie Gen. 35:16,19; Richt. 12:8, met de aantekening. Hebr. Bethlechem; dat is, broodhuis; gelijk Efrath of Efratha [welke ook de naam was van Kalebs huisvrouw, 1 Kron. 2:19,24] komt van vruchtbaarheid.

3) zijt gij klein
Dat is, gij zijt geenszins klein, Matth. 2:6. Of [hoewel] gij klein zijt, enz. [nochtans] zal, enz. Anders aldus; Het [is wat] kleins, of gerings, een kleine zaak, dat gij zijt onder de duizenden, of voorgangers, vorsten, van Juda. [Verg. de aantekening van deze plaats, gedaan bij de overpriesters en schriftgeleerden voor de koning Herodes, Matth. 2:6]. De zin is: Gij zijt wel klein naar het uiterlijk aanzien, maar gij zult tot zeer grote waardigheid verheven worden door de geboorte van de Messias en Zaligmaker Jezus Christus.

4) duizenden van Juda?
Dit ziet op de afdeling van de stammen in hun duizenden, hebbende elke duizend zijn hoofd en overste, of leidsman en voorganger, zie Richt. 6:15; 1 Sam. 10:19, met de aantekening. Idem 1 Kron. 12:20. Daarom staat bij Matth. 2:6, onder de vorsten, of voorgangers, leidslieden, hertogen; zijnde daarenboven de twee Hebr. woorden, die duizend en een leidsman, of voorganger betekenen, elkander zeer na verwant en van één oorsprong.

5) Uit u zal
Naar zijn menselijke natuur en ten aanzien dat het eeuwig en zelfstandig Woord van de Vader vlees zal worden, zo zal hij in u, o Bethlehem, geboren worden, en alzo uit u voortkomen, of uitgaan.

6) Mij voortkomen,
Woorden van God de Vader.

7) Die een Heerser zal zijn in Israël,
Hebr. om een heerser te zijn.

8) uitgangen zijn
Of, hoewel zijn uitgangen, gelijk het woord uitgaan, of voortkomen, in het voorgaande gebruikt is van Christus voortkomst uit Bethlehem naar zijn mensheid, omdat Hij aldaar uit Maria zou geboren worden; alzo wordt hetzelfde Hebr. woord hier nu gebruikt van zijn eeuwige voortkomst of uitgang van de vader, tot betekenis van zijn eeuwige godheid en Goddelijke geboorte van de Vader, en dat in het veelvoudige getal, uitgangen, hetwelk niet vreemd in de Hebr. taal, inzonderheid tot betekenis van iets groots en iets bijzonders, [zie Obad. 1:21,enz.], als daar is de eeuwigheid van de Zoon met de Vader en zijn onbegrijpelijke geboorte van dezelve. Zie Hebr. 1:3.

9) van ouds, van de dagen der eeuwigheid.
Dat is, vóór het begin der schepping, ja van eeuwigheid, of eeuwige tijden af. Verg. Spreuk. 8:22,23,24,30,31; Joh. 1:1, en Joh. 17:5. Dat het Hebr. woord kredem, als het van God gebruikt wordt, somtijds eeuwigheid betekent, zie daarvan Deut. 33:27 met de aantekening.


Thema: De rijke toezegging van Micha van de komende Christus

1. De nederige plaats waar Hij komt
2. De heerschappij die Hij oefent

Gezongen:
Psalm 138 vs 2
Lofzang van Maria vs 3, 4, 6
Psalm 89 vs 8
Psalm 69 vs 14

Gij, hemel, aard' en zee, vermeldt Gods lof;
Laat al wat leeft Zijn trouw en goedheid prijzen;
Want God zal aan Zijn Sion hulp bewijzen,
En Juda's steên herbouwen uit het stof.
Daar zal Zijn volk weer wonen naar Zijn raad,
God eeuwig hun Zijn volle gunst betonen;
Daar zullen zij, Gods knechten met hun zaad,
Zij, die Zijn naam beminnen, erf'lijk wonen.


Plaats: Barendrecht
Kerk: Gereformeerde Gemeente
Voorganger: Student W. Mouw
Tijd: 4 dec. 2016 10.00u

Maleachi 4
2 Ulieden daarentegen, die Mijn Naam vreest, zal de Zon der gerechtigheid opgaan,3 en er zal genezing zijn4 onder Zijn vleugelen;5 en gij zult uitgaan,6 en toenemen,7 als mestkalveren.

3) De Zon der gerechtigheid opgaan,
Alzo wordt Christus Jezus genoemd, omdat Hij de verstanden door zijn Woord en Geest verlicht, en de harten de gelovigen verkwikt door vergeving der zonden en toerekening der gerechtigheid. Verg. Jes. 60:1,19; Dan. 9:24, en Luk. 1:78,79.

4) genezing zijn
Te weten, van de verslagenen gemoederen, die hun zonden gevoelen.

5) Zijn vleugelen;
Te weten, de Zon der gerechtigheid, welke is Jezus Christus.

6) uitgaan,
Te weten, op een vette weide. Anderen verstaan dit van het uitgaan uit de gevangenis der zonden en van de dienstbaarheid des duivels, om God te dienen in heiligheid en gerechtigheid. Zie Joh. 8:36; 2 Cor. 3:17.

7) toenemen,
Aan tijdelijke en geestelijke welstand, door de zegen des Heeren.


Thema: De belofte van de opgaande Zon der gerechtigheid

1. Bestemming van die belofte
      Ulieden daarentegen die Mijn Naam vreest
2. Verklaring van die belofte
3. Vrucht van die belofte

Gezongen:
Psalm 119 vs 25
Psalm 119 vs 75
Psalm 130 vs 1, 3, 4
Psalm 147 vs 2, 6
Psalm 68, 2



Romeinen 5
2 Door Welken wij ook de toeleiding hebben door het geloof tot deze genade, in welke wij staan, en roemen in de hoop der heerlijkheid Gods.


"toeleiding hebben": Of, toegang tot deze genade; waardoor te kennen gegeven wordt, dat wij tot deze genade vanzelf niet zijn gegaan, maar dat wij van Christus door Zijnen Geest daartoe zijn geleid; Ef. 2:8; Hebr. 8:10.

Hebreen 12 vers 2
2 Ziende op den oversten Leidsman en Voleinder des geloofs, Jezus, Dewelke, voor de vreugde, die Hem voorgesteld was, het kruis heeft verdragen, en schande veracht, en is gezeten aan de rechter hand des troons van God.

Hij is het Die ons metterdaad door Zijn Geest tot de genade van God leidt.
...
Het middel waardoor deze toeleiding plaatsvindt, is het geloof.
...
Het geloof is de hand waarmee wij de Heere Jezus aangrijpen en met Hem verenigd worden.
Het geloof neemt de plaats van de voeten in waarmee wij tot God gaan.
Het geloof is de mond waardoor wij de genade van God proeven en genieten.
Door het geloof naderen wij tot God.
Door het geloof zien we God, spreken we tot God, en rusten wij in God.
Daarom worden woorden als 'geloven', 'komen', 'gaan' en 'eten' in de Heilige Schrift ook met elkaar verwisseld.
...
Het geloof doet de zondaar zeggen: "Heere, ik ben onwaardig om tot U te naderen en voor U te verschijnen, maar hier is Uw eigen Zoon. U hebt Hem Zelf tot een Middelaar en Borg aangesteld, Hem in de dood overgegeven en gewild dat Hij ons met U zou verzoenen. U hebt Hem mij geschonken en tot een verzoening voorgehouden en aangeboden. Heere ik neem Hem aan, ik kom in Zijn Naam tot U. Ik bid U, zie Zijn zoenoffer aan en wees mij om Zijnentwil genadig".

Bron: "Uw Woord is een lamp."
Bernardus Smytegelt

Genesis 1
16 And God made two great lights; the greater light to rule the day, and the lesser light to rule the night: he made the stars also.