woensdag 12 oktober 2016

Plaats: Rotterdam

Kerk: Christelijke Gereformeerde Kerk

Voorganger: Ds. A.J.T. Ruis

Tijd: 12 okt. 2016 19.45u




Gelezen:
Mattheus 21 33-21
Genesis 37 vers 12 - einde


Jozef zoekt zijn broeders

1 Hoe zijn vader hem zendt
vers 12 tot 14
2 Hoe de liefde hem dringt
vers 15 t 7
3 Hoe zijn broers hem haten
vers 18 t 20

God sprak tot Jozef. Hij liet zien de enige weg waardoor hij zijn volk zou behouden.
In een weg van vernedering en verhoging een groot volk in het leven behouden. Vader Jacob bestrafte hem vanwege zijn dromen.
Maar vader Jacob bewaarde deze zaak. Staat er in de bijbel. Zoals Maria de zaken bewaarde in haar hart.
Sichem was gevaarlijke grond. Er was een moordpartij verricht. De mannen van Sichem gedood omdat ze Dina hadden benadeeld. Genesis 34.
"zie naar den welstand van uw broederen" met deze vragen stuurt Jacob zijn zoon naar zijn broers.
Deze vragen komen uit het vaderhart van Jacob.
Waarschijnlijk moets Jozef 80km lopen. En het was een gevaarlijke reis. Hij moest naar zijn broers toe. Tot 3 maal toe lezen we dat ze hun broers Jozef hebben gehaat. Ze konden hem niet vredelijk toespreken. De groet in die tijd was 'sjaloom', maar ze konden hun broer niet groeten.
In het slot van Genesis 37 vers 13. En hij Jozef zei

Vers 13:
En hij zeide tot hem: Zie, hier ben ik!

Welke boodschap ligt hierin.
Hoe oud was Jozef: ongeveer 17 jaar.

Jozelf laat zien dat hij zijn vader wil eren. Dat is ook wat de Heere van ons vraagt. Er wordt van ons gevraag eer een trouw bewijzen aan degene die over ons gesteld zijn. En geduld met de zwakheid van degene die over ons gesteld zijn.
Wie zou dat kunnen vanuit zichzelf? Als de Heere dat vraagt van ons dan heeft Hij daar wel recht op. Dan moet dat ons uitdrijven tot Hem, wat U wilt u dat ik doen zal.

Er is nog een diepere lijn te trekken. Als Jozef daar staat is hij een beeld van Christus.
God de Vader
Spreuken 8, die daar spelende was voor het aangezicht van Zijn Vader. Die dagelijks Zijn vermakingen was voor Zijn Vader. Zijn Vader vond een diepe vreugde in Zijn Zoon.
Mijn Zoon ik wil dat U een reis gaat maken van de hemel naar de aarde. Nee dan zeggen we het eigenlijk niet goed. "Ik wil dat U een reis gaat maken naar de bodem van de godverlatenheid."
Ze zullen u haten. Ze zullen u doden. Jozef wist niet wat hem te wachten stond. Maar Christus wist alles wat Hem te wachten stond. Dan zegt Christus tegen Zijn Vader: Zie hier ben ik! 
Uw wet is in het binnenste van mij. Ik zal heengaan om te vragen naar de vrede. Is het goed met mijn broeders. Zo gaat de Heere als het ware de rijen nog door in de kerk. Hij vraagt naar uw welstand. Is het goed met u? Hij vraagt in Zijn goedheid naar de tijdelijke omstandigheden. Maar veel belangrijker voor de eeuwigheid: is het vrede tussen God en tussen uw ziel?
Jozef is gedrongen door de liefde.
Vers 15 en een man vond hem want ziet hij was dwalende in het veld.
Wie was die man? Er zijn uitlegger die denken aan een engel.
Er zijn zelfs uitleggers die het woord Man met een hoofdletter schrijven.
Omdat in 5 stukken eerder een Man worstelde met Jacob bij Pniel.
Deze ontmoeting vindt plaats onder de voorzienige leiding van God.
Alle ontmoetingen vinden plaats onder Gods voorzienige leiding. Alle ontmoetingen hebben niet Gods goedkeuring.
Er kunnen ook geweldig diepe vragen liggen.
Er kunnen ontmoetingen zijn geweest in uw leven die uw leven verwoest hebben. Dat zijn moeilijke vragen.
Maar ook van die moeilijke ontmoetingen weet de Heere. Ook met alle pijn en moeite die uit die ontmoeten is gekomen mag u in het gebed tot de Heere komen. Zou U mij willen bijstaan en willen helpen.
Ze zouden ook kunnen getuigen van onze eigen schuld. De Heere is getuige geweest van die ontmoetingen!
Als we daar vanavond aan worden herinnerd dan moeten we om vergeving vragen.
Er kunnen ook ontmoetingen zijn die tot zegen zijn.

Ik zoek mijn broeders, zegt Jozef. Die man blijkt te weten waar de broeders zich ophouden. Zo brengt de Heere Jozef verder in de richting van Dothan.

Jozef heeft niet beseft dat het jaren zou duren voordat hij zijn vader weer zou terug zien.
Dat hij via de broers en een slavenkaravaan in Egypte terecht zou komen.
Psalm 105 hebben we gezongen.
Dat God bezig was om Jozef naar Egypte te zenden. Voor zijn broers uit. Om uiteindelijk zijn broers in het leven te houden. Dat heeft Jozef niet kunnen beseffen. Dat heeft Jacob niet kunnen beseffen.
Heilig zijn o God Uw wegen. Niemand spreekt Uw hoogheid tegen. Jozef wordt gestuurd naar Dothan.
Het leert ons de leiding van Gods voorzienigheid. Ze liggen in de handen van God. Het belangrijkste van onze tweede gedachte. Een ronddwalende Jozef. Die gedreven werd door de liefde tot zijn broers. De liefde die hem voortdrijft. Totdat hij vindt. Dat is opnieuw een afspiegeling van de Heere Jezus Christus. Hij weerspiegelt hier de zoekende Christus. Gedreven door een onbevattelijke liefde. Door die liefde is hij 33 jaar lang in het veld geweest. Zoekende Zijn broeders.
Wie waren zijn broeders? Degene die Hem naar het leven stonden.
.... om te zoeken en zalig te maken wat verloren is....

Hij gaat vanavond nog de rijen door: Ik zoek Mijn broeders.

Als ik nu wist dat ik tot één van die broeders behoorde
Wie waren die broeders? Het waren broeders die Hem haatten. Die geen enkele liefde hadden.
Totdat ze gingen buigen.
Christus zoek nog mensen die tegen Hem zijn. Die Hem alleen maar verwerpen.
Waar zoekt Hij? In het veld. Vertreden in mijn geboortebloed. Met mijn schuld van Adam en mijn eigen schuld bij elkaar. De walgelijkheid van mijn ziel. Ik zijde tot u in uw bloede leef! Ja ik zeide tot u in uw bloede leef!

Een zoekende Christus die mag vanavond voor u gepredikt worden.
Die moeten weten van hun eigen gode vijandige bestaan. Ik als de broers van Jozef.
De opzoekende liefde van Christus. Dat Hij sprak tot uw ziel. Wat blijft dan nodig? Een zoekende Christus. Met alles wat hij aan weldaden heeft ontvangen blijft een kind van God een dwaalziek schaap.
Een onuitsprekelijk wonder is dat Hij zijn Kerk nooit moe wordt. Het afdwalen worden we moe. Maar de Heere wordt Zijn kerk nooit moe. Hij blijft getrouw.

Hoe zijn broers hem haatten.
Vers 17.
Jozef ging zijn broeders na.
Alle broeders stemmen daarna in een verschrikkelijk moordplan. De wortel van de doodslag is haat, jaloezie, nijd, wrevel.
Dat is in korte tijd in de broers van Jozef uitgegroeid tot een plant.

Ze vergrijpen zich aan het leven van hun eigen broer. Erger dan wilde dieren zijn zijn broers. Die broers staan niet zo heel ver van ons af. Uit het hart van de mens komen voort moorden, doodslagen. Als de Heere een mens loslaat dan is hij tot alles in staat.
De broers van Jozef waren kinderen van het verbond.
We zijn van nature geneigd om God te haten. Van nature geloven we dat niet. Misschien dat we denken dat we God haten als Hij komt met de wet.
Maar als de bijbel ons tekent als mensen die God van nature haten, dan gaat het als Hij komt met het evangelie. Wanneer Hij Zijn Zoon zendt. Wanneer God Zijn Zoon Christus zendt om te verlossen van zonden.
Waar zit nu de vijandschap van de broers. Zo zullen we zien wat er van zijn dromen worden zal.
Die dromen waren woorden van God tot Jozef. Dat waren profetische woorden. Waarin de Heere aangaf hoe het uiteindelijk zou gaan.
De enige weg waarin de broers zouden kunnen leven en behouden zouden kunnen worden.
Het buigen komt in beide dromen nadrukkelijk voor. Dat was precies waar de broers zich aan stootten.
Zult ge koning over ons worden? Zullen we ons allemaal ons voor u buigen?
Vijand van de enige weg die God uitgedacht heeft om hen in het leven te behouden.
Waarom niet alleen een vijand van de wet maar ook van het evangelie? Het evangelie sluit niet aan op het hart van de mens.
Er is in ons hart geen vraag naar het echte evangelie.
Als we niet willen buigen voor een Christus die als een profeet onze zonden bekend maakt.
Priester het plaatsvervangende offer brengt. God eist dat aan Zijn recht voldaan wordt. Ik heb recht op uw leven. Ik heb er recht op om alles in uw leven te bepalen.

Buigen in:
 ellende
 verlossing
 dankbaarheid

Dat we niet willen buigen betekent dat er bij ons vandaan geen hoop meer is. We zijn zo dwaas dat we een hemelse Profeet liever van ons werpen dan dat we ons laten zaligen in Zijn weg.
Toch ligt er hoop in de geschiedenis van deze avond. Als we vooruit blikken naar het vervolg. Maar er komt een moment dat ze door de nood en door de honger gedreven in Egypte terecht komen aan de voeten van een Jozef. Die ze niet herkennen. En voor wie ze toch gaan buigen.

Hij gaat daar opnieuw vragen, is het vrede met u?
Terwijl ze daar liggen gebogen vult hij hun zakken met koren. En behoudt hij hen in het leven. En maakt hij zich bekend. "Ik ben Jozef!". De geschiedenis van Jozef laten het zien: toch zullen de broers buigen. Daar ligt een pleitgrond in voor hen die niet buigen kunnen. Die het steeds meer moeten leren, "O God ik kan niet buigen". En bidden: "Maar U bent toch de meerdere Jozef!" die ervoor kan zorgen dat ik buig.


Geen opmerkingen:

Een reactie posten