Plaats: Barendrecht
Kerk: Gereformeerde Gemeente
Voorganger: Student M. Blok
Tijd: 19 maart 2017 10.00u
Jesaja 53Kerk: Gereformeerde Gemeente
Voorganger: Student M. Blok
Tijd: 19 maart 2017 10.00u
6 Wij dwaalden27 allen als schapen, wij keerden ons een iegelijk naar zijn weg;28 doch de HEERE heeft onzer aller ongerechtigheid op Hem doen aanlopen.29
27)Wij dwaalden Dat is, wij zijn allen afgedwaald van den weg, dien ons God in zijne wet heeft voorgeschreven om daarin te wandelen.
28)naar zijn weg; Niet naar den weg, dien de HEERE ons had voorgeschreven; maar wandelende op den weg, dien zich een ieder verkoren had; zie 1 Petr. 2:25.
29)op Hem doen aanlopen. Of, Hem doen ontmoeten; of Hij, te weten de Vader, dreef op Hem, te weten Christus, ons aller ongerechtigheid, dewijl Hij zich in onze plaats vrijwillig tot borg gesteld had.
Thema: Verloste schapen
1. Hun dwalen
2. Hun HEERE
3. Hun Verlosser
Gezongen:
Psalm 106 : 4
Psalm 119 : 2
Psalm 130 : 2, 4
Psalm 40 : 4
Indeling van het bijbelboek Jesaja:
Jes. 1-39
Jes. 1-12. - Van het eerste deel bevatten de hoofdstukken 1 tot 12 de profetieën over Juda, uitgesproken onder de regeringen van Jotham en Achaz.
Jes. 13-23. - Deze hoofdstukken bevatten profetieën tegen de volken o.a. tegen de Babyloniërs en Assyriërs.
Jes. 24-27. - Deze hoofdstukken bevatten profetieën over de eindstrijd, de verlossing van Israël.
Jes. 28-33. - Deze hoofdstukken bevatten profetieën betreffende de relaties van het volk met Assyrië en Egypte en de toekomstige heerlijkheid van het overblijfsel van Israël.
Jes. 34-35. - Deze hoofdstukken bevatten profetieën over het oordeel over de volken en de bevrijding van Israël.
Jes. 36-39. - Deze hoofdstukken vormen een historisch toevoegsel betreffende Hizkia, Sanherib en Merodach Baladan (2 Kon. 18:13-20:19).
Jes. 40-66.
Het tweede en laatste hoofddeel van het boek Jesaja telt 27 hoofdstukken.
Jes. 40-48. - In deze hoofdstukken wordt de ondergang van Babel vermeld.
Jes. 49-50. - In deze hoofdstukken wordt vooral op de Knecht des Heren, d.i. op Christus, gewezen.
Jes. 56-66. - Hier beschrijft de profeet het uiteindelijk herstel van Israël en van alles wat hiermee in betrekking staat.
Bron: Christpedia.nl
De Moorman van Candace las uit Jesaja 53:
Handelingen 8
27 En hij stond op en ging heen; en ziet, een Moorman, een kamerling,28en een machtig heer van Candace,29 de koningin der Moren, die over al haar schat was, welke was gekomen om aan te bidden30 te Jeruzalem;
28 En hij keerde wederom, en zat op zijn wagen, en las den profeet Jesaja.
29 En de Geest zeide tot Filippus: Ga toe, en voeg u bij dezen wagen.
30 En Filippus liep toe, en hoorde hem den profeet Jesaja lezen, en zeide: Verstaat gij ook, hetgeen gij leest?
31 En hij zeide: Hoe zou ik31 toch kunnen, zo mij niet iemand onderricht? En32 hij bad Filippus, dat hij zou opkomen, en bij hem zitten.
32 En de plaats der Schriftuur, die hij las, was deze: Hij is gelijk een schaap ter slachting geleid; en gelijk een lam stemmeloos is voor dien, die het scheert, alzo doet Hij Zijn mond niet open.
28 En hij keerde wederom, en zat op zijn wagen, en las den profeet Jesaja.
29 En de Geest zeide tot Filippus: Ga toe, en voeg u bij dezen wagen.
30 En Filippus liep toe, en hoorde hem den profeet Jesaja lezen, en zeide: Verstaat gij ook, hetgeen gij leest?
31 En hij zeide: Hoe zou ik31 toch kunnen, zo mij niet iemand onderricht? En32 hij bad Filippus, dat hij zou opkomen, en bij hem zitten.
32 En de plaats der Schriftuur, die hij las, was deze: Hij is gelijk een schaap ter slachting geleid; en gelijk een lam stemmeloos is voor dien, die het scheert, alzo doet Hij Zijn mond niet open.
Jesaja 53
6 Wij dwaalden27 allen als schapen, wij keerden ons een iegelijk naar zijn weg;28 doch de HEERE heeft onzer aller ongerechtigheid op Hem doen aanlopen.29
Het woord 'Wij' betekent: Joden en heidenen. In het vroege christendom, waarbij het christendom nog geen aparte godsdienst is, wordt met een heiden een niet-Jood bedoeld.
Dwalen:
- op de verkeerde weg lopen
- zonder doel in ons leven
Sinds de zondeval lopen we op de verkeerde weg. Zonder doel in ons leven. Het doel van ons leven hoort te zijn: tot de eer van God leven.
In het bijbelboek Genesis is beschreven: overtreders van het gebod van God, dit vond plaats na de schepping van de wereld.
In de Hof van Eden (het Aardse Paradijs)
Genesis 3 vers 6
6 En de vrouw zag, dat die boom goed was tot spijze, en dat hij een lust was voor de ogen, ja, een boom, die begeerlijk11 was om verstandig12 te maken; en zij nam van zijn vrucht en at; en zij gaf ook haar man met haar,13 en hij at.14
7a Toen werden hun beider ogen15 geopend
Jesaja 42
15)ogen Versta, niet zozeer de ogen des lichaams, waardoor zij zagen hunne schaamte, als des geestes, waardoor zij gevoelden hunne zonde en de straf, die zij over zich en hunne nakomelingen gebracht hadden, zijnde daarvan in hunne conscientiën overtuigd.
Jesaja 53
6 Wij dwaalden27 allen als schapen, wij keerden ons een iegelijk naar zijn weg;28 doch de HEERE heeft onzer aller ongerechtigheid op Hem doen aanlopen.29
Het woord 'dwaalden' staat hier in de verleden tijd.
In Efeze 2:1 herinnert Paulus de christenen in Efeze aan de geestelijke positie waarin ze zich bevonden voordat ze Christus kenden:
1 En u heeft Hij1 mede levend gemaakt, daar gij dood waart2 door de misdaden en de zonden;
2 In welke gij eertijds gewandeld3 hebt, naar de eeuw4 dezer wereld, naar den overste5 van de macht6 der lucht, van den geest, die nu werkt in7 de kinderen der8 ongehoorzaamheid;
Jesaja 53
6 Wij dwaalden27 allen als schapen, wij keerden ons een iegelijk naar zijn weg;28 doch de HEERE heeft onzer aller ongerechtigheid op Hem doen aanlopen.29
Het woord 'dwaalden' staat hier in de verleden tijd.
In Efeze 2:1 herinnert Paulus de christenen in Efeze aan de geestelijke positie waarin ze zich bevonden voordat ze Christus kenden:
1 En u heeft Hij1 mede levend gemaakt, daar gij dood waart2 door de misdaden en de zonden;
2 In welke gij eertijds gewandeld3 hebt, naar de eeuw4 dezer wereld, naar den overste5 van de macht6 der lucht, van den geest, die nu werkt in7 de kinderen der8 ongehoorzaamheid;
Het gaat dan om de woorden: "In welke gij eertijds gewandeld hebt."
En in Efeze 2:
5 Ook toen wij dood waren18 door de misdaden, heeft ons levend gemaakt19 met Christus;20 (uit genade zijt gij zalig geworden)
5 Ook toen wij dood waren18 door de misdaden, heeft ons levend gemaakt19 met Christus;20 (uit genade zijt gij zalig geworden)
20)met Christus; Want als Christus, die om onzer zonden wil gestorven was, is opgewekt zo heeft Hij metterdaad betoond dat Hij de schuld onzer zonde en het lichaam onzer zonden had teniet gedaan: hetwelk Hij eerst voor ons, en daarna ook in ons heeft volbracht uit kracht Zijns doods en Zijner opstanding, Rom. 4:25, en Rom. 6:6,7,8, als Hij ons het geloof heeft geschonken, door het geloof heeft gerechtvaardigd, en door Zijnen Geest heeft vernieuwd en geheiligd. Zie 1 Cor. 1:30.
Levend gemaakt door:
Gods genade
Gods goedheid
Gods gunst
1 Ziet, Mijn Knecht,1 Dien Ik ondersteun,2 Mijn Uitverkorene, in Denwelken Mijn ziel een welbehagen heeft! Ik heb Mijn geest3 op Hem gegeven; Hij zal het recht4 den heidenen5 voortbrengen.6
1)Mijn Knecht, Dit spreekt God de Vader van zijnen Zoon Christus, dien Hij zijnen knecht noemt, te dien aanzien, dat Christus, als onze Middelaar, de gedaante eens knechts heeft aangenomen. Vergelijk Jes. 53:11; Matth. 12:18; Filipp. 2:6,7,8. 2)Dien Ik ondersteun, Dat is, dien Ik versterk, dat Hij niet bezwijke onder den onverdragelijken last mijns toorns, die Hij een tijdlang gevoelen moet om uwe zonden [voor welke Hij zichzelven heeft overgegeven] uit te delgen en te verzoenen. 3)Mijn Geest Te weten de gaven des Heiligen Geestes, die Hij van node heeft om het Middelaarsambt te verrichten; zie Jes. 11:2; Matth. 3:16. 4)Hij zal het recht Dat is, Hij zal de rechte leer van de zaligheid der mensen, door de predikatie van het heilige Evangelie, den heidenen voordragen en hen alzo tot zijne gehoorzaamheid en tot hunne zaligheid brengen. 5)den heidenen Of, den volken, zo den Joden als den heidenen. Zie Rom. 1:16. 6)voortbrengen. Te weten uit den schoot des Vaders; Joh. 1:18. Dit zal Hij doen ten dele in eigen persoon, ten dele door zijne apostelen en andere leraars van het heilige Evangelie.
Jesaja 53
6 Wij dwaalden27 allen als schapen, wij keerden ons een iegelijk naar zijn weg;28 doch de HEERE heeft onzer aller ongerechtigheid op Hem doen aanlopen.29
HEERE staat met allemaal hoofdletters. Dit betekent: IK ZAL ZIJN, Die IK ZIJN ZAL. Altijd al dezelfde God zonder begin en altijd dezelfde God tot in eeuwigheid.
Exodus 3
14 En God zeide tot Mozes: IK ZAL ZIJN, Die IK ZIJN ZAL!16 Ook zeide Hij: Alzo zult gij tot de kinderen Israëls zeggen: IK ZAL ZIJN heeft mij tot ulieden gezonden!
14 En God zeide tot Mozes: IK ZAL ZIJN, Die IK ZIJN ZAL!16 Ook zeide Hij: Alzo zult gij tot de kinderen Israëls zeggen: IK ZAL ZIJN heeft mij tot ulieden gezonden!
* Alzo zal Hij vele heidenen besprengen
Jesaja 52
15 Alzo zal Hij54 vele heidenen besprengen,55 ja, de koningen zullen hun mond over Hem toehouden;56 want denwelken57 het niet verkondigd was,58 die zullen het zien, en welken het niet gehoord hebben, die zullen het verstaan.
55)besprengen, Te weten met zijn vergoten bloed en uitzending der gaven van zijn Geest bij de predikatie van het heilig Evangelie en het gebruik der heilige sacramenten.
15 Alzo zal Hij54 vele heidenen besprengen,55 ja, de koningen zullen hun mond over Hem toehouden;56 want denwelken57 het niet verkondigd was,58 die zullen het zien, en welken het niet gehoord hebben, die zullen het verstaan.
55)besprengen, Te weten met zijn vergoten bloed en uitzending der gaven van zijn Geest bij de predikatie van het heilig Evangelie en het gebruik der heilige sacramenten.
Het beeld van een zondig mens is als een mens die melaats is.
Geloof is: Gij kunt mij genezen.
Mattheus 8
2 En ziet, een melaatse kwam, en aanbad Hem,2 zeggende: Heere! indien Gij wilt, Gij kunt mij reinigen.
2 En ziet, een melaatse kwam, en aanbad Hem,2 zeggende: Heere! indien Gij wilt, Gij kunt mij reinigen.
1 Timotheus 2
15a Dit is een getrouw woord, en alle aanneming waardig, dat Christus Jezus in de wereld gekomen is, om de zondaren zalig te maken
15a Dit is een getrouw woord, en alle aanneming waardig, dat Christus Jezus in de wereld gekomen is, om de zondaren zalig te maken
Mattheus 16
13 Als nu Jezus gekomen was in de delen van Cesarea Filippi,11 vraagde Hij Zijn discipelen, zeggende: Wie zeggen de mensen, dat Ik, de Zoon des mensen, ben?
14 En zij zeiden: Sommigen: Johannes de Doper; en anderen: Elias; en anderen: Jeremia of een van de profeten.
15 Hij zeide tot hen: Maar gij, wie zegt gij, dat Ik ben?
16 En Simon Petrus, antwoordende,12 zeide: Gij zijt de Christus13, de Zoon des levenden Gods.
Johannes 11
25 Jezus zeide tot haar: Ik ben de Opstanding29 en het Leven; die in Mij gelooft zal leven, al ware30 hij ook gestorven;31
De onuitsprekelijke troost van Gods Kerk in één woord: 'Waarlijk'.
Jesaja 534 Waarlijk,20 Hij heeft onze krankheden op Zich genomen,21 en onze smarten heeft Hij gedragen;22 doch wij achtten Hem,23 dat Hij geplaagd, van God geslagen en verdrukt was.24
21)op Zich genomen, Als borg betalende de schuld, die wij gemaakt hadden.
Lukas 1
79 Om te verschijnen dengenen,23 die gezeten zijn in duisternis en schaduw des doods; om onze voeten te richten op den weg des vredes.
23)verschijnen dengenen, Of, verlichten.
* 'zeer hoog' ziet op: zekerheid, grootheid:
Jesaja 52
13 Ziet,45 Mijn46 Knecht47 zal verstandelijk48 handelen; Hij zal49 verhoogd en verheven, ja, zeer hoog worden.
13 Ziet,45 Mijn46 Knecht47 zal verstandelijk48 handelen; Hij zal49 verhoogd en verheven, ja, zeer hoog worden.
45)Ziet, Hier beginnen sommigen Jes. 53. 46)Mijn Dit spreekt God de Vader. 47)Knecht Te weten Christus, gelijk boven Jes. 42:1. 48)verstandelijk Of, gelukkiglijk, voorzichtiglijk, voorspoediglijk handelen; dat is, hij zal het ambt, hetwelk Ik hem opgelegd heb, wel en bekwamelijk verrichten. 49)Hij zal Zie Filipp. 2:9.
Psalm 77
21 Gij leiddet34 Uw volk, als een kudde door de hand35 van Mozes en Aaron.
34)leiddet Als een herder voerende het door de woestijn naar het land Kanaän en zorg voor hen dragende, enz., alzo Ps. 78:52. 35)hand Dat is, de dienst.
21 Gij leiddet34 Uw volk, als een kudde door de hand35 van Mozes en Aaron.
34)leiddet Als een herder voerende het door de woestijn naar het land Kanaän en zorg voor hen dragende, enz., alzo Ps. 78:52. 35)hand Dat is, de dienst.
Jesaja 53
10b en het welbehagen52 des HEEREN zal door Zijn hand53 gelukkiglijk voortgaan.
52)het welbehagen Te weten het werk onzer verlossing en het vergaderen der uitverkorenen uit alle volken door de predikatie van het heilige Evangelie, hetwelk alsdan voornamelijk is aangegaan, nadat Christus ten hemel was opgevaren; Matth. 28:19.
Gebed aan het einde van de dienst:
O Vader, dat Uw liefde ons blijk';
O Zoon, maak ons Uw beeld gelijk;
O Geest, zend Uwe troost ons neer;
Drieënig God, U zij al de eer.
Amen10b en het welbehagen52 des HEEREN zal door Zijn hand53 gelukkiglijk voortgaan.
52)het welbehagen Te weten het werk onzer verlossing en het vergaderen der uitverkorenen uit alle volken door de predikatie van het heilige Evangelie, hetwelk alsdan voornamelijk is aangegaan, nadat Christus ten hemel was opgevaren; Matth. 28:19.
Gebed aan het einde van de dienst:
O Vader, dat Uw liefde ons blijk';
O Zoon, maak ons Uw beeld gelijk;
O Geest, zend Uwe troost ons neer;
Drieënig God, U zij al de eer.
Jezus is Zaligmaker.
De naam "Jezus" betekent "Jahweh is redding" of "Jahweh redt".
Maarten Luther (1483 - 1546):"God verlost de mens van zonde , schuld en dood, door zijn zonden te vergeven en hem zo te "rechtvaardigen". Het is een "iustificatio imputativa", een toegerekende gerechtigheid. Waarom toegerekend? Omdat God het de zondige mens "toerekent" ter wille van het volbrachte werk van Christus. De Heiland heeft aan Gods gerechtigheid voldaan voor iedereen die in Hem gelooft. De mens wordt dan rechtvaardig verklaard doordat God hem ter wille van Christus de zonden vergeeft. Het is een "aliëna iustitia", de gerechtigheid van iemand anders, van Christus, die de mens toevalt. "Nihil iustificat nisi sola fides Christi" (Niets rechtvaardigt behalve het geloof in Christus). "Iustus ex fide vivet" (De rechtvaardige leeft uit het geloof)."
Geen opmerkingen:
Een reactie posten